is toegevoegd aan uw favorieten.

Het regt in Nederlandsch-Indië; regtskundig tijdschrift, 1890, 01-01-1890

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Rechtdoende in hooger beroep,

Doet te niet. het principaal en incidenteel appel;

Passeert het. door den geintiineerde bij conclusie van antwoord incidenteel subsidiair in appel aangeboden bewijs door getuigen ;

Bekrachtigt het vonnis, waarvan appel;

Veroordeelt den principaal appellant in al de kosten van deze instantie.

Zitting van 4 September 1890.

Voorzitter: als voren.

Aeït. 178, 202 en 218 Rv. — Wraking van getuigen. zljdelingsch belang.

Wraking van eenen getuige kan ook nog na diens eedsaflegging voorgesteld worden.

Het feit dat hij, die tegen tractement en procenten van de winst, werkzaam is bij den geëmployeerde van de partij, is niet voldoende om ten zijdelingsch belang aan te nemen bij een geding, loopende over de hoeveelheid van namens die partij door den geëmployeerde geleverde koopwaren.

L. B. Hoekzema, appellant, comp. bij den adv. en proc.

Mr. J. A. Haakman, contra

Ong Tan Seng, geïntimeerde, comp. bij den adv. en proc. Mr. D. Fock.

HET HOOG-GERECHTSHOF VAN NEDERLANDSCH-IND1E,

Gehoord partijen;

Gezien de stukken ;

Ten aanzien der feiten :

Overnemende het overzicht daarvan, vervat in 's Hofs arrest van 28 November 1889 (1), waarbij, alvorens ten principale recht te doen, den geintimeerde is bevolen om alsnog door alle middelen rechtens en speciaal door getuigen te bewijzen, dat in October en November 1883 namens hem aan appellant te Ta-

(1) Opgenomen in deel L1V pag. 170 sqq. van dit Tijdschrift.