is toegevoegd aan uw favorieten.

Het regt in Nederlandsch-Indië; regtskundig tijdschrift, 1890, 01-01-1890

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

2o. Schending van art. 58 van het Reglement op de Burgerlijke Rechtsvordering, aangezien het verzet is aangenomen en van waarde verklaard, kunnende opposant in casu niet worden verklaard op eenige punten in het ongelijk te zijn gesteld, daar door het aannemen van het verzet geen sprake kan zijn van verzuim, wat trouwens te ver is gedreven bij een eenvoudigen Chinees, die niet kan gecenseerd worden de bepalingen van de wet te kennen, maar daarentegen de Rechter-Commissaris menschlievendheidshalve hem daarop attent had behooren te maken, zoodat deze geheele procedure achterwege had kunnen blijven;

O. eerst en vooraf, ten aanzien van de door gerecjuireerde gesustineerde niet ontvankelijkheid van het ingesteld beroep in cassatie;

dat art. 402 van het Reglement op de B. R. bepaalt, dat het beroep in cassatie moet worden ingesteld binnen drie maanden, te rekenen van den dag, waarop het vonnis, waartegen wordt opgekomen, aan den persoon of te zijner woonplaats zal zijn beteekend, op straffe van verval;

dat nu onderwerpelijk de beteekening van het vonnis a quo heeft plaats gehad op den 7den Maart 1890, en de termijn derhalve begon te loopen in den nacht van den 7den op den 8sten Maart te twaalf uur;

dat voorts de duur van dien termijn — bij de wet gesteld op drie maanden — moet geacht worden te zijn van negentig dagen, daar bij art. 17 tweede alinea van het aangehaalde Reglement door een maand in den zin der wet wordt verstaan een tijdvak van dertig dagen;

dat derhalve de termijn eindigde op Donderdag den 5den Juni, dat is in den nacht van den 5den op den 6den Juni te twaalf uur, en de verzoeker zijne memorie, blijkens daarvan,aan den voet door den griffier van het Hoog-Gerechtshof gestelde aanteekening, eerst op den 7den Juni overleggende, het recht daartoe verloren had;

O. dat hij dus met het ingesteld beroep niet ontvankelijk verklaard moet worden, en een onderzoek naar de gegrondheid der door hem voorgestelde middelen overbolig is;