is toegevoegd aan uw favorieten.

Het regt in Nederlandsch-Indië; regtskundig tijdschrift, 1891, 01-01-1891

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

derwerp regelende algemeene verordening in liet vooruitzicht gesteld, en bepaald wordt, dat daarbij van liet beginsel zal worden uitgegaan, dat niet, zooals tot dusverre liet geval was, liet Koog-Gerechtshof, maar de Gouverneur-Generaal de macht zal zijn die beslist, zoodat, zoolang die verordening niet in liet leven is geroepen, art. 162 11. O, ook met liet oog op art. 182 van liet R. R., alsnog van kracht moet worden beschouwd;

O. eindelijk ten aanzien van de vraag of de civiele dan wel de militaire rechter bevoegd is van de onderwerpelijke zaak kennis te nemen, dat het Hoog-Gerechtshof zich op de daarvoor aangevoerde gronden en motieven vereenigt inet de in de vooraangehaalde beschikking door het Hoog-Militair-Gereclitshof genomen beslissing, dat de kennisneming van de zaak aan den burgerlijken rechter behoort, zijnden de landraad te SoeraUaja;

Gelet op de aangehaalde en de art. 261 en volg. en art. 411 van het Regl. op de Sv.;

Rechtdoende,

Vernietigt de beschikking van den voorzitter van den landraad te Soerabaja dd. 12 Mei 1889, waarbij deze heeft verklaard dat liet den beklaagde Rabidin alias Noredjo alias Sadiman ten laste gelegde feit niet behoort tot de kennisneming van de door hem voorgezeten rechtbank, met bevel, dat de stukken met een afschrift van die beschikking zullen worden gezonden aan den auditeur militair in de derde militaire afdeeling te Soerabaja ;

Verklaart gemelden landraad bevoegd om van de zaak tegen den voornoemden beklaagde kennis te nemen;

Stelt mitsdien de stukken in handen van den voorzitter ten einde, met inachtneming van dit arrest, de zaak verder af te doen ;

Veroordeelt den Staat in de kosten van liet geding.

II.

G OU VB RN EU R-G E N E RA AL VA N N ED E RL AN DSC 11-IN 1) IE,

Jurisdictie r.ksciiii, ti sschkn het Hoog-Gekkchtshof en

met iioog -MIUTAUI -üerechtmioi'. bevoegdheid