is toegevoegd aan uw favorieten.

Het regt in Nederlandsch-Indië; regtskundig tijdschrift, 1891, 01-01-1891

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

M ILITAIRE-EECHTSPRAA K.

1100G-M1LITAIR-GERECHTSIIOF VAN NEDERLANDSCH-INDIE.

Zitting van 9 Januari 1891.

Voorzitter: Mr. P. C. E. Specht Grijp.

SENTENTIE DEFINITIEF.

Bewijs iioor aanwijzingen. — Niet bij klacht ten laste gelegde feiten. Ar T . 77 Re CHTSPI , La NDM .

Waar bij etnen administrateur van hands gelden, met welker ontvangst cn verantwoording hij belast is, blijkbaar door miidrjf, een te kort ontstaan is in zijne kas, waarvan hij de oor zaal: niet kan opgeven, daar kunnen niet als aanwijzingen dat hij zelf die gelden opzettelijk verduisterd en aan hunne bestemming onttrokken zoude hebben, gelden:

dal hij schulden had, terwijl niet blijkt dat hij groote bedragen afbetaald of meer uitgaven gedaan en grooter geleefd heeft dan roaartoe zijn inkomen gelegenheid gaf;

dat hij de kist, waarin die gelden bewaard werden, zelfs na de ontdekking dat er geld uit ontvreemd was, niet volgens de voorschriften liet bewaken; dat hij van dal verdwijnen geen kennis gaf aan de bevoegde autoriteit ;

dat hij ook daarna de kas slechts zelden en dan nog maar globaal opnam ;

dat hij steeds de drie sleutels der geldkist onder zich hield en