is toegevoegd aan uw favorieten.

Het regt in Nederlandsch-Indië; regtskundig tijdschrift, 1891, 01-01-1891

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

daarop geen oogstverband verleenen, omdat de verbandhouder daardoor een recht zoude verkregen op die goederen, nl. het recht van inbezitname, waarover de verbandgever zelf niet kan beschikken.

Oogstverband kan verleend worden op producten alleen en op producten en de ter bereiding daarvan bestemde onderneming en inrichtingen. Het kan dus verleend worden geldig ten aanzien der producten, doch ongeldig ten aanzien van de onderneming enz.

Art. 4 van Staatsblad 1886 no. 57 regelt alleen de bevoegdheid tot verleening van oogstverband op producten en laat onbeslist welke bevoegdheid men hebben moet ten aanzien van de andere in art. 1 vermelde objecten om dtze te verbinden.

Om de in art. 11 sub 2o. genoemde objecten in bezit te kunnen nemen, moet men daarop oogstoet band hebben.

De woorden „alle andere schuldeischers" in den aanhef van art. 11 beteekenen: de schuldeischers, die na het vestigen van hel oogstverband hunne rechten zouden willen doen gelden.

Hij, die door een ander in executoriaal beslag genomen goederen aan den daarover gestelden bewaarder onlntemt, zich in het bezit daarvan stelt en ze gebruikt, begaat daardoor eene ontechlmatige daad.

De beslaglegger kan op grond hiervan niet ageeren tot wedcrafgifte dier goederen, doch alleen tot schadevergoeding wegens onrechtmatige daad.

Liiu Youw Giok, eischer en geintimeerde, comp. bij den adv. en proc. Mr. Th. A. Euijs, contra

I)e Internationale Crediet- en Handelsvereeniging, «Rotterdam", gedaagde en appellante, comp. eerst bij den adv. en proe. Mr. C. A, Hennij en daarna bij den adv. en proc.

Mr. T. Hennij.

DE RAAD VAN JUSTITIE TE BATAVIA,

Gehoord partijen;

Gezien de stukken;

Ten aanzien der daadzaken :