is toegevoegd aan uw favorieten.

Het regt in Nederlandsch-Indië; regtskundig tijdschrift, 1891, 01-01-1891

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

de Indische Regeering als vertegenwoordigende den Lande gesloten contracten, art. 22, en schuldenaar krachtens zulke contracten, artt. 14 en 37, 43, 476 enz. Staatsblad 1864 no, 106; eischenderwijs procedeerende casu quo : art. 58 R. ()., art. 1 Staatsblad 1874 no. 149 en casu quo gedagvaard wordende, art 6, 2e B. R., 159, 2e B. R , transigeerende art. 21, geëxecuteerd wordende, artt. 72 en 73, kwijtscheldende art. 22 Comptabiliteitswet;

dat de rechten en verplichtingen van zedelijke lichamen, zoomede de wijze waarop, en de aanwijzing der personen door middel van wie, zij hunne rechten doen gelden, moeten gezocht worden, niet in bepalingen van staatsrecht maar in die van burgerlijk recht, speciaal in het Burgerlijk Wttboek, art. 1655 B. W.;

dat de bestuurder van het zedelijk lichaam genaamd het Land of de S'aat, is de Koning;

dat het dus de Koning is, die volgens art. 1655 B. W. voor den Staat der Nederlanden in reebten optreedt en gerechtigd is in naam van den Staat te handelen ;

dat wordt den Staat een eed opgelegd, waar hij als schuldeischer met eene vordering opkomt in eene verificatie vergadering, en van welken eed in artt. 809 en 81 ü K. uitdrukkelijk bepaald is dat of de schuldeischer, of diens daartoe bijzonderlijk gemachtigde hem uit moet zweren, alsdan de bestuurder van den Staat of diens bijzonderlijk gemachtigde, art. 810, al. 2 K., dien eed moet afleggen en geen ander daartoe bevoegd is — ergo in casu de Koning;

dat hij, die beweert dat zijne Excel'entie de GouverneurGeneraal bevoegd zoude zijn dien eed of af te leggen of een ander daartoe te machtigen, zal moeten opnoemen artikelen van burgerlijk recht, die ondubbelzinnig uitwijzen dat aan het zedelijk lichaam, den Staat, opgelegde en in Nederlandsch-Indië uit te zweren eeden door den Gouverneur Generaal uitgezworen mogen worden ; dan wel, gelijk de rechter a quo heeft beproefd, het bewijs zal hebben te leveren dat het geografisch, administratief en staatkundig begrip Nederlandsch-Indië tevens is een civielrechtelijk begrip; een bezitter van een bijzonder vermogen