is toegevoegd aan uw favorieten.

Het regt in Nederlandsch-Indië; regtskundig tijdschrift, 1891, 01-01-1891

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

geconcludeerd tot vernietiging van het vonnis, waarvan appel, niet ontvankelijk verklaring van immers onlzegging aan den oorspronkelijk eischer, thans eersten geïntimeerde, van zijn ten incidenteele gedanen eiscli en genomen conclusiën, zoomede van zijn ten principale gedanen eisch en genomen conclusiën en tot veroordeeling van eersten geintimeerde in de kosten der beide instantiën;

O. dat de eerste geintimeerde hiertegen bij conclusie van antwoord in appel in substantie heelt aangevoerd :

dat de actie van art. 460 Burgerlijke Rechtsvordering ontvankelijk is, wanneer men bij dagvaarding' de middelen beeft gesteld, waarop zij gegrond is;

dat de onderwerpelijke dagvaarding nu aan dat vereischte voldoet, vermits daarbij niet alleen is gesteld bet feit, dat eischer, thans eerste geintimeerde, eigenaar is van bet buis, tegen welks verkoop bij in verzet komt, doch ook dat op dat buis executoir beslag is gelegd;

dat appellant ten onrechte vermeent dat men, om de actie van art. 460 Burgerlijke Rechtsvordering met goed gevolg te kunnen instellen, poseeren moet niet slechts, dat men eigenaar is, maar ook de feiten, waarop dat positum is gebaseerd, vermits, bad de wetgever zulks gewild, bij die wetsbepaling anders bad behooren te redigeeren;

dat voorts ontkend wordt appellants sustenu, dat bij dagvaarding zou zijn gesteld, dat bet in beslag genomen huis door tweeden geintimeerde bewoond wordt, daar toch dat positum alleen voorkomt in de tegelijk met het exploit van dagvaarding gedane doch geheel overbodige aanzegging tot verzet, beginnende toch het verzet eerst mtt de middelen inhoudende dagvaarding ;

dat voorts appellants beweren, dat de gestelde feiten niet ter zake dienende en afdoende zijn, omdat eerste geïntimeerde niet tevens zou hebben aangenomen het bewijs der gedane levering, onjuist is, omdat hij, eerste geintimeerde, heeft aangeboden te bewijzen, dat hem als meestbiedende het quaestieuse huis op publieke vendutie is toegewezen, dat is geleverd;