is toegevoegd aan uw favorieten.

Het regt in Nederlandsch-Indië; regtskundig tijdschrift, 1892, 01-01-1892

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

dat nu in casu noch het eene noch het andere het geval is, ja zelfs niet eens is gesteld en eischeres mitsdien tegen den gedaagde geene vordering heeft;

En op die gronden heeft geconcludeerd tot niet ontvankelijkverklaring, immers en in allen gevalle ontzegging van den ingestelden eisch cuin expensis ;

O. dat daarop de eischeres bij procureursacte de actis causae heeft gemaakt:

lo. het Bataviaasch Handelsblad van 8 Januari 1886 no. 6;

2o. het „ „ „ 10 Maart 1888 „86;

3o. de Java-Bode van 15 Mei 1H91 no. jll;

4o. het Bataviaasch Nieuwsblad van 3 September 1891 no. 229;

5o. de Regeerings-Almanak, tweede gedeelte, jaargang 1885; en

6o. de Regeerings-Almanak „ „ „ 1891, — onder aanbod van mededeeling conform de wet;

O. dat de zaak vervolgens bij pleidooi nader door partijen is toegelicht, waarbij namens de eischeres acte is verzocht, dat zij zich bertid verklaart, zoo noodig geoordeeld, tot het leveren van bewijs, dat het van algemeene bekendheid is, dat de te Cheribon, Tegal en Pekalongan gevestigde firma G. A. van Putten en Co. is correspondente van de eischeres en als zoodanig is de gemachtigde van de eischeres, en partijen daarna recht hebben gevraagd op de stukken, waarop de raad de nederlegging daarvan heeft gelast en de uitspraak bepaald op heden;

Ten aanzien van het recht,

O. dat de eischeres hare vordering heeft gegrond op de volgende feiten:

dat zij is houdster van een wissel, getrokken uit Singapore aan haar order op den gedaagde en betaalbaar dertig dagen na zicht;

dat deze wissel door den gedaagde op 18 Mei 1891 is geaccepteerd, doch ten vervaldage, zijnde 18 Juni 1891, door hem niet is betaald, en dat vervolgens op 19 Juni 1891 de toenmalige houdster, de firma G. A. van Putten en Co. te Cheribon, dien wissel van nonbetaling heeft laten protesteeren, en eischeres