is toegevoegd aan uw favorieten.

Het regt in Nederlandsch-Indië; regtskundig tijdschrift, 1892, 01-01-1892

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

van de vordering is gesteld, namelijk dat eischeressen erfgenamen zijn van Tan Soean Nio, geschil bestaat, een geschil, dat zich oplost in de vraag of de beide eischeressen in de erfstelling van het door haar overgelegde testament begrepen zijn;

O. dienaangaande, dat de erfstelling luidt aldus:

„ik benoem voorts van het alsdan zuiver en beschikbaar gedeelte mijner nalatenschap alle degenen, die daartoe volgens „het Mohamedaansche versterfrecht gerechtigd en geroepen zijn ;"

dat alzoo liet testament in zooverre naar het Mohammedaanshe recht verwijst, ais daarin bepalingen omtrent erfrecht bij versterf voorkomen;

O. dat, nu tusschen partijen feitelijk vaststaat: dat de Chinees Tan Po Seng en de Chineesche vrouw Njonja Itam met elkander buiten echt geleefd hebben en dat. uit dien omgang zoowel de beide eischeresen als de erflaatster Tan Soean Nio voortgekomen zijn; dat hierbij dient opgemerkt te worden dat, volgens den inhoud van de namens eischeressen overgelegde „soerat katarangan", een geschrift dat, voor zoover het eene feitelijke uiteenzetting inhoudt, door de gedaagden niet is betwist, en in dat opzicht ook niet strijdig is met hetgeen in de conclusie van antwoord van gedaagden voorkomt, Tan Po Seng eerst, nadat hij njonja Itam verlaten had, met een andere vrouw is getrouwd, zoodat bedoelde njonja Itam, tijdens zij met Tan Po Seng leefde en hare kinderen geboren werden, niet als een bijwijf kan worden aangemerkt;

dat gelijk bekend is, volgens Chineesche instellingen, kinderen uit een dergelijke samenleving van man en vrouw geboren, althans ten opzichte van elkander , als met wettige kinderen gelijkstaande moeten worden aangemerkt;

O. dat mede feitelijk vaststaat, dat de 2e gedaagde is de wettige dochter van de erflaatster Tan Soean Nio, zoodat, nu het testament alleen naar het Mohamedaansche versterfrecht verwijst en dus voor de beoordeeling van de familieverhouding, waarin de eischeressen tot de erflaatster staan, de Chineesche instellingen niet buiten effect zijn gesteld, — nog slechts de