is toegevoegd aan uw favorieten.

Het regt in Nederlandsch-Indië; regtskundig tijdschrift, 1893, 01-01-1893

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

den eed te hebben geweigerd, zoo het wegblijven van de wederpartij niet aan een aan deze toerekenbaar opzet moet worden geweten, vermits hij in dat geval niet van een wettig beletsel heeft doen blijken. ,

Dilatoire exceptien mogen niet door den rechter worden te berde gebracht, als vullende hij daardoor rechtsmiddelen aan . 137

Dagvaarding in privé en in qualiteit.—Appel in privé.— Subrogatie.

Waar tot terugbetaling van zeker bedrag volgens het hoofd der dagvaarding is gedagvaard zoowel in privé als in hoedanigheid van en krachtens zijn ambt van assistent-resident en in die qualiteit vertegenwoordigende de Regeering van Ned.-Indië, zoomede door subrogatie krachtens de wet getreden in de rechten van die Eegeering en derhalve alsmede in hoedanigheid van gesubrogeerde, doch uit den inhoud der dagvaarding blijkt, dat de eischer zijn vordering instelde in privé, doch voor het geval mocht beweerd worden, dat niet hij in privé mocht vorderen, maar de Regeering, alsdan als assistent-resident voor en namens deze, en eindelijk voor het geval ook dit niet mocht geschieden, als krachtens de wet in de rechten dier Regeering gesubrogcerd, heeft de eischer niet ingesteld een vordering in privé en in qnaliteit tegelijkertijd, evenmin twee vorderingen de eene in privé en de andere in qualiteit, doch is hij alleen opgetreden in privé, subsidiair voorziende in het geval, dat hij als zoodanig geen vorderingsrecht had.

Beslist zijnde, dat hij noch als vertegenwoordigende de Regeering noch in privé of als gesubrogeerde kan vorderen is hij ontvankelijk met zijn appel in privé en is daarbij geen sprake van verandering van den eisch.

Eischer, in strijd met de wettelijke bepalingen als assistentresident vrije overtocht verleend hebbende, kan waar hij het bedrag daarvan aan de Regeering als vergoeding der aan deze door zijne vergissing veroorzaakte schade heeft voldaan, niet als gesubrogeerde optreden tegen hem, aan wien de vrije overtocht is verleend . 307

Executie. — Handelingen van den deurwaaider. — Aansprakelijkheid van den executant. — Vonnis tot ontruiming.— Rechtverkrijgenden van den occupant.

De executant is tegenover derden aansprakelijk voor al hetgeen door den deurwaarder, zij het ook verkeerdelijk, tot executie van het vonnis is verricht.