is toegevoegd aan uw favorieten.

Het regt in Nederlandsch-Indië; regtskundig tijdschrift, 1893, 01-01-1893

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

O. dat eindelijk de krijgsraad ten onrechte de bijkomende straf van vervallenverklaring heeft uitgesproken, aangezien de wet hiertoe den rechter niet de bevoegdheid verleent;

O. dat mitsdien het vonnis te dien aanzien vernietigd, en ten opzichte van het overige behoort te worden verbeterd;

Gelet op enz.;

Rechtdoende:

In naam en van wege de Koningin!

Ontvangt het appel;

Vernietigt het vonnis waarvan appel, voor zoover daarbij de beklaagde, thans geappelleerde, is vervallen verklaard van den militairen stand;

En wijders het vonnis verbeterende:

Veroordeelt den beklaagde, thans geappelleerde, ter zake in het vonnis vermeld, tot de straf van militaire gevangenis voor den tijd van drie jaren;

Bekrachtigt ^voor het overige het vonnis;

Verwijst den beklaagde, thans geappelleerde, nog in de kosten en tuisen der justitie, mitsgaders in die van den processe in appel gevallen.

Zitting van 26 Mei 1893. Voorzitter: Mr. M. C. Piepers.

Art. 191 Grim. Wetboek. — Ohambrée.—Diefstal.

Hel, door middel van een beschot afgezonderde, gedeelte eener slaapzaal in de kazerne maakt, bijaldien het van een afzonderlijke afsluiting voorzien is, geen deel meer uit van die slaapzaal, zoodat een daarin slapend soldaat, die zijn in liet afgeschoten gedeelte huizenden kameraad besteelt, geen diefstal „in de chamlrée" pleegt.