is toegevoegd aan uw favorieten.

Het regt in Nederlandsch-Indië; regtskundig tijdschrift, 1894, 01-01-1894

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Art. 99 Criin. Wetboek.—Insubordinatie door woorden en gebaren.

Het vóór een meerdere in rang gaan staan niet den linkerarm voorwaarts en den rechterarm achterwaarts gestrekt, en het daarna, zich op de borst slaande, dien meerdere toevoegen der woorden: „g commandant, slaat n mij als n durft, je moet niet denken, dat ik bang voor u ben", stelt niet daar insubordinatie door woorden of gebaren, en valt derhalve niet onder het bereik van art. 99 Crim. VYetb., maar wel van art. 16 van liet Regl. van krijgstucht enz 215

Schil wacht. — Planton. — Agent der openbare macht.

Ken fuselier, aan boord van een stoomschip, ter bewaking geplaatst vóór de arrestkamer, staat daar niet als schilwacht, naar als planton Ken stoot, door den gearresteerde aan dien planton toegebracht, stelt daar: „geweldadigheid tegen een agent der openbare macht, in de waarneming zijner bediening". . . 218

Art 35 Rechtspl. landmacht. — Benoeming van 09'. Commissarissen. — Bevoegdheid daartoe.

Art. 38 der Rechtspleging bij de landmacht schrijft voor, dat de cominandeerende Officier van het garnizoen zal benoemen twee Officieren van dat garnizoen tot Commissarissen tot het houden van gerechtelijke inforniatiën. Nergens is aan den commandeerenden Officier de bevoegdheid gegeven die benoeming aan een ander over te dragen. Heeft de benoeming plaats gehad door den fungeerend plaatselijken Adjudant, op last van den plaatselijken militairen Commandant, dan is het naar aanleiding daarvan gehouden onderzoek nietig, even als het vonnis op dat onderzoek gebaseerd 250

Arlt. 17 en 19 i Crim. Wetb. — Diefstal in de cbambrée.

Het arglistig wegnemen van goederen uit een kist, staande in de door den eigenaar, met eenige andere militairen, bewoonde chambrée, door een militair, die belast was inet de surveillance en ten allen tijde in genoemde kamer toegang had, stelt met toepassing van art. 17 Crimineel Wetboek, „diefstal in de cliambróe" daar 252

Artt. 17 en > 9 1 Crim. Wetb.—Diefstal in de chambrée.— Qualificatie.

De krijgsraad te recht oordeelende, dat diefstal van kleedingstukken van een droogrek vóór de korporaalskamer, met toepassing van art. 17 van het Crimineel Wetboek, als „diefstal in