is toegevoegd aan uw favorieten.

Het regt in Nederlandsch-Indië; regtskundig tijdschrift, 1894, 01-01-1894

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

gedanen eiscli en genomen conclusien toe te wijzen, met veroordeeling van den geintiuieerde in de kosten der beide instantien;

O. dat de geintimeerde op de door hem aangevoerde gronden heeft geconcludeerd, voor antwoord in appèl: tot tenietdoening van het appèl en bekrachtiging van het vonnis a quo, voorzoover daarvan door den oorspronkelijk eischer, thans appellant, is geappelleerd, met veroordeeling van den appellant in de kosten der beide instantien;

en voor eiscli incidentcel in appèl: dat het den Hove behage, met ontvangst van het incidenteel appèl, het vonnis a quo, voorzoover daarbij de vordering ontvankelijk verklaard is, te vernietigen, en, doende wat de eerste rechter had behooren te doen, den appellant, incidenteel geintimeerde, met de door hem ingestelde vordering niet ontvankelijk te verklaren, met veroordeeling van appellant, incidenteel geintimeerde, in de kosten van het incidenteel appèl;

O. dat, nadat hierop alsnog voor antwoord incidenteel in appèl door appellant was geconcludeerd: tot tenietdoening van het incidenteel appèl en bekrachtiging van het vonnis a quo, voorzoover daarvan incidenteel is geappelleerd, met veroordeeling van den incidenteel appellant in de kosten van het incidenteel appèl, partijen de zaak bij pleidooi nader mondeling hebben toegelicht, waarna de nederlegging der stukken ter tafel is gelast en de uitspraak is bepaald op heden;

Ten aanzien van het recht:

O. dat, vermits de geintimeerde, bij zijne conclusie van antwoord in appèl, van zijn kant incidenteel in appèl is gekomen van de beslissing van den rechter a quo, waarbij deze, met verwerping der door den thans geintimeerde in eersten aanleg gevoerde verwering, de vordering van den oorspronkelijk eischer, thans appellant, ontvankelijk heeft verklaard, naar de gegrondheid van het in appèl op nieuw opgeworpen middel van niet ontvankelijkheid in de eerste plaats een onderzoek behoort te worden ingesteld;

O. dan wat dit punt betreft, dat de eerste rechter op alleszins juiste gronden, welke het Hof tot de zijne maakt, heeft beslist,