is toegevoegd aan uw favorieten.

Het regt in Nederlandsch-Indië; regtskundig tijdschrift, 1895, 01-01-1895

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

geldende liet hier tocli niet-naleving van een voorschrift van openbare orde;

Nog gelet op artikel 411 van het Reglement op de Strafvordering voor de Raden van Justitie op Java enz;

Rechtdoende:

Vernietigt het tegen den beklaagde Pa Sapoero alias Mistal gewezen vonnis waarvan revisie.

Verklaart den Djaksa bij den Landraad te Loemadjang niet ontvankelijk met zijne tegen dien beklaagde ter terechtzitting van 15 November 1894 uitgebrachte acte van beschuldiging.

Gelast dat beklaagde op nieuw zal worden terechtgesteld, overeenkomstig de tegen liem opgemaakte acte van verwijzing.

Verstaat dat de kosten op deze vernietiging gevallen zullen komen ten laste van den Lande.

EERSTE AANLEG.

RECHTBANK VAN OMGANG TE SOEMENEP. Zitting van 5 Februari 1895.

Voorzitter: Mr. L. H. Ram bonnet.

Toovermiddelen. — Bijgeloof. — Verzachtende omstandigheden.

DE RECHTBANK VAN OMGANG,

Gezien het bevelschrift van den fungeerend Omgaand Rechter te Soemenep ddo. 29 Januari 1895, waarbij de terechtstelling van den beklaagde voor deze Rechtbank is bevolen, zoomede de aan den voet daarvan door den Djaksa gemaakte aanteekening;

Gehoord de voorlezing van de, door den Djaksa opgemaakte, acte van beschuldiging;

Gelet op de overgelegde stukken;

Gehoord de verklaringen der getuigen;

Nog gehoord den beklaagde in zijne middelen van verdediging;