is toegevoegd aan uw favorieten.

Het regt in Nederlandsch-Indië; regtskundig tijdschrift, 1895, 01-01-1895

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

ook zij zijn en blijven feilbare menschen. maar dwalingen komen voor op elk gebied en eiken werkkring, en die worden alleen dan tot een minimum gereduceerd wanneer ambten of bedrijven slechts worden uitgeoefend door hen, die daarvoor eene speciale opleiding hebben genoten en nog schier dagelijks in de gelegenheid zijn zich daarin verder te bekwamen. Bovendien hebben onze wetten, waar het de bescherming van het leven en de eigendommen betreft, er voor gezorgd dat door de veroordeelden, wanneer zij meenen dat de uitspraak van den lageren rechter op onjuiste gronden steunt, eene beslissing van den hoogeren rechter kan worden ingeroepen. Blijkt het dan dat die hoogere rechter den in eerste instantie veroordeelden beklaagde eveneens schuldig oordeelt, dan is er alle reden om de gedane uitspraak als juist te aanvaarden. En waar het misdrijven betreft, die de sociale toestanden in ons vaderland raken, daar belet niets den rechter om zich ter terechtzitting door betrouwbare personen te doen inlichten in hoeverre ongunstige plaatselijke verschijnselen of omstandigheden op het plegen der geïncrimineerde feiten van invloed zijn geweest. Eene beslissing op goede gronden, met inachtneming dier verschijnselen of omstandigheden, genomen door een onpartijdig, nauwgezet en kundig rechter, daartoe van staatswege aangesteld, verdient mijns inziens dan ook meer vertrouwen dan eene uitspraak van gewone burgers, die, zonder de noodige wet- en rechtskennis en om beurten tot het uitoefenen van het rechtersambt geroepen, gewoonlijk aan allerlei indrukken onderhevig zjjn en zich door misplaatste gevoelens, hetzij ten voor—.hetzij ten nadeele van beklaagden, laten medeslepen.

J. VAN ASSEN.

Amsterdam , December 1894.

LXIV. 22