is toegevoegd aan uw favorieten.

Het regt in Nederlandsch-Indië; regtskundig tijdschrift, 1895, 01-01-1895

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

„Daar men den naam van particulieren , tijdens het leenstelsel „nooit gebezigd vindt, en de Heerendiensten, zoowel die van ..publiek- als van privaat- rechtelijken aard alleen aan den grondeigendom verbonden was, kan men hier niemand anders dan „de vrije grondeigenaren of' bezitters van allodiale goederen op „het oog hebben gehad.

„De grond kon niet slechts, gepaard met heerlijke en dus ook „souvereine rechten, maar ook door vrije burgers aUodiaal wor„den bezeten.

„In de Traité historique et ptactique van Renauldon zegt deze:

,,„Le franc alleu (allodiaal) c'est 1'héritage libre excempt de „„tout.es charges et qui n'est sujet a aucuns devoirs ou droits „„seigneuriaux ( 1 ).

,,,,11 y a des fransc-alleux nobles („de Heerlijkheden") et des „„francs alleux roturiers (burgerlijke).

„,,Le franc alleu noble a la justice (jurisdictie) ou des flefs „„mouvant de lui (onderhoorigheden) ou des censives (schatting„„plichtigen, welke schatting jaarlijks aan „den Heer" door de „„onderhoorigheden moest worden opgebracht) Le frunc-aïleu „„roturier (gelijk de allodiale grondeigendom op West Java) n'a ,„,ni justice, ni fief, ni censive et se partagc roturiement '.

Op dezen laatsten voet werden de landen door de O. I. Compagnie en de latere regeeringen tot aan het Engelscli tusschcnbestuur aan particulieren in eigendom overgedragen.

De afstand van landen gedurende dat bestuur had plaats onder beding, dat geene heerendiensten van de bevolking mochten worden gevorderd, zoodat deze landen, voor zoover die diensten betreft, buiten beschouwing kunnen worden gelaten.

Gelijk hiervoren reeds gezegd is, grondde het Hof zijne beslissing, in het aangehaald arrest van 5 Maart 1885 nedergelegd, op de volgende overwegingen:

(') Hiermede komen de bewoordingen van het placaat van 1 April 1627 geheel overeen, waar gesproken wordt van „ allodiale landen ofte goederen, excempt van den tijtel ende servituut van leenen".