is toegevoegd aan uw favorieten.

Het regt in Nederlandsch-Indië; regtskundig tijdschrift, 1896, 01-01-1896

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

van beheer hebben gehad, de zaken der gewezen vennootschap zullen moeten vereffenen in naam van dezelfde firma.

Daaruit volgt, dat deze vereffenaars in rechten optreden voor do ontbonden vennootschap evenals vroeger een der vennooten en dat zij niet zijn lasthebbers 33

Art. 609 jo. 113Rechtsv. —Summiere afdoening. — Voorschriften van openbare orde. — Art. 608 Rechtsv. — Aanbod door den gedeclareerde. — Beoordeeling der posten op een schadestaat.

Art. 609 Burg. Rechtsv. schrijft uitdrukkelijk voor dat, indien partijen zich niet omtrent den schadestaat kunnen verstaan, de zaak summierlijk zal worden uitgewezen, terwijl volgens artt. 113 v.v. van dat Reglement die summiere afdoening bepaaldelijk het wisselen van conclusien medebrengt.

De regelen van procedure zijn wel van openbare orde, maar in een bijzonder geval kan het wel eens blijken, dat de belangen van partijen ook zonder inachtneming daarvan niet worden geschaad.

Art. 608 Burg. Rechtsv. schrijft wel voor dat de gedeclareerde een aanbod zal doen van zoodanige som tot vergoeding van kosten, schaden en interessen als hij zal te rade worden, doch geenszins dat hij dat aanbod ook met redenen zoude moeten omkleeden 36

Inbreng in een maatschap.

Aan do bewoordingen van een acte van vennootschap: „dat „de deelgenoot A. in de vennootschap inbrengt het land Semplak „met alle erfdienstbaarheden en andere daarop rustende lasten „enz.", kan geen anderen zin worden toegekend, dan dat wordt ingebracht het land Semplak met het daarop rustend zakelijk recht van hypotheek, doch geenszins dat ook de schuld, tot zekerheid waarvan die hypotheek op het land is verleend, ten laste komt der vennootschap 54

Art. 581 Rechtsv. — Orderbillet. — Lijfsdwang. — Schuldoorzaak. — Koopmanschappen.

Wanneer men een orderbriefje als acceptant heeft ondorteekend met erkenning der waarde in koopmanschappen genoten, dan is het voor den lijfsdwang onverschillig of men al dan niet koopman is, daar in elk geval hetzij krachtens § 1, hetzij krachtens § 3 van art. 581 Burg. Rechtsv., lijfsdwang tegen den onderteekenaar moet worden uitgesproken.

Het is don onderteekenaar van een orderbillet niet geoorloofd