is toegevoegd aan uw favorieten.

Het regt in Nederlandsch-Indië; regtskundig tijdschrift, 1896, 01-01-1896

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

CIRCULAIRE.

HOOG-GERECHTSHOF

Batavia, den 4 den Maart 1896.

van

Nederlandsch-Indië.

Eerste Kamer.

X<>. 101 1001.

Daar het in den laatsten tijd herhaaldelijk is voorgekomen dat bij de Kcgeering gratieverzoeken worden voorgebracht, welke niet aan de zegelbepalingen voldoen, heeft de Regeering het Hoog-Gerechtshof opgedragen U Wed.g. te verzoeken er voor te zorgen, dat de U ter behandeling toegezonden ongezegelde gratierekesten door gezegelde verzoekschriften vervangen of van de vcreischte verklaring van onvermogen, bedoeld bij artikel 10 der bepalingen opgenomen in Staatsblad 1885 No. 133, worden voorzien.

Aan die opdracht voldoende maakt het Hoog-Gerechtshof tevens opmerkzaam, dat ook wel gratieverzoeken van meerdere personen worden ingediend en dat ook op zoodanige zoogenaamde collectieve rekesten, als in strijd met de zegelordonnantie in Staatsblad 1885 No. 131 opgemaakt, geene beschikking kan worden genomen, en heeft het Hof mitsdien de eer U.E.G. te verzoeken om bij de ontvangst van gratieverzoeken, die om welke reden dan ook niet aan de zegelbepalingen voldoen, telkens de aandacht der betrokken personen daarop te willen vestigen.

liet Hoog-G'erechtshof van Nederlandsch-Indië, STIBBE.

Ter ordonnancie van het collegie De Griffier,

W. C. v. B. JUTTING.

Aan

de Hoofden van Gewestelijk Bestuur in X-I., de Voorzitters der Landraden op Java en Madoera en de Landraadvoorzitters op de bezittingen buiten Java en Madoera.