is toegevoegd aan uw favorieten.

Het regt in Nederlandsch-Indië; regtskundig tijdschrift, 1896, 01-01-1896

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

woog. Want. zoo luidt het in de beslissing, „themaxim: „The will ot' the father sliould be respected", was uttered with regard to the succession to a kingdom, and cannot be quoted in the matter of family succession".

Uit het bovenontwikkelde blijkt eenerzijds, dat uit het gezag van den paterfamilias niet voortvloeit de bevoegdheid om in zaken van erfopvolging van de wet af te wijken, anderzijds, dat een zoon gerechtigd is den wil des vaders ter zijde te stellen, wanneer die in botsing komt met de wet. Wat dit laatste betreft, de aan den vader verschuldigde gehoorzaamheid bestaat niet in absoluten zin. Wij kennen meer voorbeelden dat het liiao aan den vader verschuldigd, moet wijken voor wat geacht wordt van liooger belang te zijn. ,.The father'srights" — schrijft Parker bl. 92 — ,,over the person of the son are subject to the pleasure of the Emperor wlien the son is in official emplov" (behalve voorzoovcel betreft beschikking over het vermogen van den zoon, tenzij weer deze laatste schulden mocht hebben jegens het Gouvernement). Een zoon die zijn ouders of grootouders aanklaagt, wordt voor dit enkele feit gestraft, zelfs al zou de aanklacht bewezen zijn. Maar hij is vrij van straf zoo de aangeklaagden schuldig staan, o. a. aan hoogverraad en rebellie. (Scherzer, bl. 51). Hier moet het liiao aan de ouders verschuldigd wijken voor het hiao jegens den staat. En zelfs wordt de zoon gestraft, die op uitdrukkelijken last zijns vaders het hiao (') schendt. Immers de Ta Tsing Lu Li zegt: „Quiconque pour obcir aux dernières volontcs de son père .... brülera son cadavre ou le jettera h 1'eau, sera puni de cent'coups de bambou" (vertaling van Scherzer, bl. 68). Inderdaad het gezag van den Chineeschen paterfamilias is groot, wie zal betwisten dat het omvangrijk is? Maar waar dat gezag zou strekken tot onder-

(') Wij herinneren aan de reeds vroeger medegedeelde definitie van hiao in engeren zin: „lt eonsists in serving the parents during their life with observance of what the established rites demand, and of burying them after their death and tlien saerificing to their manes, likewise with observation of what tho rites demand".