is toegevoegd aan uw favorieten.

Het regt in Nederlandsch-Indië; regtskundig tijdschrift, 1896, 01-01-1896

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

naar de chambrée der Inlanders gegaan zijnde en aldaar een praatje gemaakt en gevraagd hebbende of iemand nog wat voor hem te eten had, aan dan last van den sergeant J. F. K., om zich van bedoelde kamer te verwijderen, eerst nadat die last driemaal was herhaald heeft voldaan en zulks terwijl hij, reclamant, verkeerde in door drank bevangen toestand;

O. dat het Hof echter uit het ter zake gehouden onderzoek niet de overtuiging heeft verkregen, dat de reclamant zich op den bewusten avond inderdaad in die mate onder den invloed van genoten spiritualia bevond, dat hij geacht zoude moeten worden verkeerd te hebben in den toestand, welken men in het spraakgebruik „door drank bevangen" pleegt te noemen;

dat mitsdien evenbedoelde woorden ten onrechte in de omschrijving van de strafreden voorkomen:

O. dat de Krijgsraad, tot eene tegenovergestelde conclusie geraakt zijnde, daardoor ook niet behoefde na te gaan of wijziging dan wel roija van de den reclamant opgelegde straf noodig was, maar zulks thans alsnog door den Hove ter inachtneming van het bepaalde bij de eerste alinea van art. 3 van het Koninklijk Besluit van 2 November 1873 No. 26 (Ind. Stbl. 1874 No. 28) behoort te beschieden:

O. dat toch de reclamant wel is waar bij zijn verhoor op 8 Juli 1896, op de vraag van Officieren-Commissarissen: „waarover gevoelt gij u bezwaard?" in substantie alléén geantwoord heeft: „over de in de strafreden voorkomende woorden in door drank bevangen toestand, omdat ik niet dronken ben geweest", maar hierbij in h et °°g dient te worden gehouden, dat bij art. 1 van het aangehaalde Koninklijk besluit (gewijzigd bij dat van 19 November 1880 No. 19, Ind. Stbl. 1881 No. 49) aan den gestrafte geheel in het algemeen de bevoegdheid toegekend zijnde over de straf te klagen en bij het reeds gemelde art. 3 van hetzelfde besluit den rechter voorgeschreven zijnde bij gegrond bevinding der klacht de straf of strafreden te wijzigen, dan wel haar van het strafregister te doen schrappen, deze bepalingen, ook met het oog op het onafscheidelijk verband