Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Goddflijken gaarne en bestendig omgaat, het onmogelijk is, dat hij hem niet navolge; dan kon het wel niet anders, of die vereeniging met Gods Zoon, dat ■verwezenlijkt ideaal van Goddelijke waarheid en deugd, moest zijne Jongeren tct gelijkvormigheid aan Hem opleiden. En het verwondert ons niet, dat op de Maag, of zij niet van Hem wilden heengaan, hun antwoord is: » Tot wien zouden wij heengaan? het is ons onmogelijk U te verlaten, Gij hebt woorden des eeuwigen levens" (11). Het bevreemt ons niet, dat zij, zijnen dood vreezende, zeiden: «Laat ons dan ook medegaan en sterven met Hem" (12). Liever wilden zij met Hem sterven dan leven zonder Hem, die de lust en vreugd, hel leven van hun leven was. Gelijk het licht aan de voor verlichting vatbare voorwerpen zich van zelf mededeelt, zoodat ook van deze licht en glanzen uitstralen; gelijk de magneet niet alleen het staal aantrekt, maar ook zijne aantrekkende kracht zelve mededeelt; gelijk de gloed der zon de aan dezelve gestadig blootgestelde voorwerpen zoo verwarmt, dat van deze wederom warmte naar alle zijden uitstroomt; zoo kon het niet anders of gelijke mededeeling moest er plaats 'hebben in de geestelijke wereld van jezus aan zijne, Hem steeds omringende, vrienden. Van Hem, die het licht der wereld was, gestadig beschenen, ontvingen zij uit zijne volheid het licht der waarheid, dal ook van hen later weder anderen in de oogen straalde. Door zijne hefde tot Hem aangetrokken, ging de kracht ter liefde ook in hen zelve over, zoodat zij wederom anderen tot zich trokken. En van Hem, die de Zon

(10} Joh. VI: 07 volg.

(11) Joh. XI: 16.

Sluiten