Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Vallen wij de overblijvende verscheidenheid nader in het oog, om haar weien en haren oorsprong, zoo mogelijk, aan Ie wijien , 7.00 zullen wij bevinden, dat ■lij gedeeltelijk schijnbaar is, en gedeeltelijk afgeleid moet worden uit den verschillenden toestand, waarin de menschen zich bij hunne bekeering bevonden, en uit hunne ■verschillende hoedanigheid of hun karakter.

Wij noemen die verscheidenheid gedeeltelijk schijnbaar, omdat zij voortvloeit uit de onvolledigheid der persoonsbeschrijvingen in de Evangelieën. Immers hebben de Evangelisten niet getracht de zielsgeschiedenis van elk der aanvankelyk bekeerden te schrijven, ?.oodat zij eene aaneengeschakelde voorstelling leverden van het eerste ontkiemen van het zieleleven van allen af, tot aan deszelfs volmaking in het geloof\ öiaar zij beschrijven den indruis, welken jezus op "Verschillende personen maakte, zoo als zij waren, toey:i jezus lvun als de Christus bekend werd. Hoepel wij dus bij eenen joiiankes of mattheus in den aanvang hunner bekeering dadelijk meer blijdschap dan bij eenen stokbewaarder vermeld vinden; zoo ^ordt daarmede toch niet ontkend , dat ook de eerstgenoemden vroeger niet geslingerd werden door drukkende gewaarwordingen of bekommeringen. Veeleer toaakt juist die levendige vreugde het voorafgaan van minder behagelijke aandoeningen hoogst waarschijnlijk. Ofschoon het van cornelius niet gelijk van Andere nieuw bekeerden gezegd wordt, dat hij zijne goederen ten beste zijner nieuwe broederen hebbe Aangewend, zoo laat zich dit evenwel met grond vergoeden , van wege de reeds vroeger door hem geoefende liefdadigheid. — Zoo zoude er dan veel van hetgeen, volgens de tegenwoordige hoedanigheid der Evangelieën, in den aanvang der bekeering van on-

Sluiten