is toegevoegd aan uw favorieten.

Jezuïeten-missies; maandschrift, 1938, no 20, 01-02-1938

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

zooveelste maal een bezoek aan zijn dorp, als hij met vijf van zijn knechten, met stokken gewapend, mij staat op te wachten. »

— « Dadelijk rechtsomkeer », klinkt het bevel.

« Stilletjes aan, maak je niet druk, dien ik hem van antwoord. Ik sta hier op het goed van Baldeo — zoo heet Julia's vacjer — alleen zoo de eigenaar me verzoekt zijn grond te verlaten, zal ik heengaan. »

— « En wat gebeurde er, Pater ? »

« Overiuigd dat de kerels mij zouden afranselen, ook al stond

ik op zijn terrein, smeekte mij Baldeo — en op de knieën ! — toch maar te vertrekken. Wat ik dan ook om zijnentwil deed. »

— « Maar hoe kwam Julia bij u aan huis P »

en haar droeve ervaring.

« Het heete jaargetijde brak aan en trok voorbij. Het regenseizoen kwam, maar eer het verloopen was, stortte het zoo overvloedig water neer, dat de Canges opzwol, ver over zijn oevers stroomde, heele streken blank zette en heele dorpen wegvaagde. Ook Baldeo's dorp werd overspoeld. De velden van den zamindar lagen hoog en veilig, maar Baldeo schoot er have en goed bij in. Ten einde raad besloot hij er toe zijn dochtertje Julia voor huiselijk werk aan den landheer te verhuren. »

—• « En waarom bleef 2e daar niet ? »

« Bij den zamindar nu woonde diens broer in. Die was me-

laatsch. Julia moest hem tweemaal daags masseeren. Daar deed het meisje zelf de besmetting op... »

We reden een heel eindje verder, zwijgend, in gedachten verdiept... Julia was maar het kind van een chamar, voor de kasteHindoes zóó minder-, zoo nietswaardig !... Maar Baldeo, haar vader, heeft zich verzet ?...

IHS