Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Maar ze willen geen stap achterblijven, ze geven zich het air van « laat ons door », zoo 'n beetje als onze jongens van den buiten, die naar het kollege gaan in de stad en met zelfvoldaan misprijzen neerkijken op die pagadders van de dorpsschool. Maar de ouderen die voor een paar jaren denzelfden gemoedstoestand doormaakten, weten wel hoe laat het is; ze glimlachen schalks en kijken met compassie naar de bleus. Die onnoozele dutsen ! Niet zoozeer echter uit gulle kameraadschap, als wel om hun eigen onbeschroomdheid te doen gelden, monteren zij hen op. Hun zinnen zetten in met « in onzen tijd » en loopen uit op « in onzen tijd ». Ze verklappen vertrouwelijk ik-weet-niet-hoeveel geheimpjes als : die onderwijzer kan boos kijken dat ge er kippenvel van krijgen zoudt, maar blijft bij dreigementen, en die andere laat zich paaien met een fooi.

Het dorp ligt nu uren ver achter hen, daar vlak voor hen de missie.

Dien eersten avond.

Vóór alles een bezoekje aan O. L. Heer en dan pakken neerzetten, stof afvagen, en in groep en zingend naar het huis van de paters. « Mu zina di Tata ye di Mwana ye di Mpeve Santu, Amen » (1 ), bidden ze geknield en hardop den zegen mee van den missionaris. Hop, recht ! Pater en jongens groeten mekaar naar negermode met handgeklap en « Mbote, mfoemoe » en « Mbote, bana » !

Deze eerste ontmoeting beperkt zich tot enkele vraagjes over dorp en reis en verlof, telkens in koor beantwoord met een « inga, mfoemoe » of een « ve, mfoemoe » (2). Nog een wederzijdsch groeten met handgeklap en de bende mag naar de speelplaats, waar reeds een heele hoop jongens roezemoezen. Het groepje wordt als ieder aankomend contingent uit een ander dorp, op een luidruchtige ovatie onthaald.

De anciens loopen onmiddellijk her en der kameraden groeten.

(1) In den naam des Vaders en des Zoons en des H. Ceestes.

(2) Ja, Pater; neen, Pater.

IHS

Sluiten