Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

zich in dit leven maakt van den toestand en de gesteldheid des geestelijken levens hier namaals (><). Wij doen hierbij intusschen opmerken, dat, voorzooverre die voorstellingen gegrond 7.ijn op de analogie, die er in de ontwikkeling des geestes, door alle onderscheidene vormingstijdperken heen, plaats heeft en plaats hebben moet, /.ij zeer wel onder het kleed der ■verbeelding, vooral wanneer deze geheiligd is, eene diepe waarheid verbergen kunnen. En nu, op de voorstelling van paulits wijzende, vragen wij: Kan men uil hel verheffende gevoel, dat hier beneden reeds de verloste smaakt bij elke overwinning in den goeden strijd; kan men uit het streelende bewustzijn zijner vordering in kracht en waarde, niet eenigzins besluiten tot de zalige gewaarwording, die eene volharding tot den einde toe, bij het vellen van den laatslen vijand, hem moet instorten? Geeft voorls onafhankelijkheid en zelfstandigheid van geest in dit leven reeds zekere male van kalme gerustheid bij de woelingen der menschen en de wisselingen des lo.ls; hoe geheel zal men daarmede niet vervuld zijn, wanneer men zegevierend de boeijen des slofs verbreekt en zich van de wereld ganschelijk ontslagen ziet? Draagt eindelijk hier op aarde reeds de verloste strijder eene benijdenswaardige kroon in hel gevoel van voldoening voor zich zeiven, in hel bewustzijn der goedkeuring Gods en in het genot van de achting dergenen , die hem kennen; hoe kostelijk moei niel de kroon wezen, die hem beschoren is, wanneer hij zich in alles meer dan overwinnaar gevoelt en als kind van God door allen begroet wordt? In één woord : Kon het vrije leven

(S) Verg. 1 Cor. XIII: 9 volgg.

Sluiten