Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

ook hel Christendom door de geheele voorafgegane geschiedkundige ontwikkeling des menschdoms bepaald en voorbereid. — Eenc voorstelling, welke, naar het mij voorkomt, stikm wel heeft voorgeleefd, maar die hij niet heeft ontwikkeld, zij het mij vergund hier tusschen beide te brengen, die mij althans het begrip van buitengewone en gewone openbaring volkomen oplost, en waarbij eene buitengewone werking Gods mij even natuurlijk als zeker voorkomt. God is Vader van het oneindig groote huisgezin (niet van het naar onveranderlijke wetten afloopend werktuig) der schepping. De Vader heeft eene vaste orde gesteld in zijn huisgezin en houdt de hand aan die orde; maar naar de behoeften van het huisgezin en tot heil der huisgenooten komt zijne hand ook meermalen meer onmiddellijk tusschen beide, vooral waar zijne kinderen nog zwak en onontwikkeld zijn. Zóó werkt ook de hemelsche Vader! Gods voortgaande werkzaamheid opheffen is de schepping van een huisgezin te verlagen tot die van een blind werktuig. Dit is de heerlijkste zijde onzer godsdienst, dat zij eene steeds levendige gemeenschap daarstelt tusschen God en de wereld, ons niet lot werktuigen verlaagt, maar tot redelijke wezens, tot kinderen in het huisgezin van God verheft, die onder zijn bestuur in het huisgezin zelve medewerken.

Des Schrijvers voorstelling over het verband tusschen rede en openbaring komt op het volgende neder. De rede is een vermogen, eene kracht, een aanleg om het ware in goddelijke en menschelijke dingen te kunnen kennen, welke, gelijk elke kracht, deels ontwikkeling en vorming behoeft, deels in hare rigting aan velerlei afdwalingen onderworpen is; in de openbaring der goddelijke, volkomene rede heeft

Sluiten