Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Velen bezitten wel velden, maar bebouwen ze niet, omdat ze geen ossen bezitten om voor de ploeg te spannen en te schraal bij kas zijn om de renten van den staat te betalen. Zij verhuren daarom hun landen aan den eersten den besten en gaan zelf den kost verdienen als knecht op een hoeve. Zij verkiezen helaas in dienst te treden bij Hindoes, omdat die rijker zijn en een minder karig loon uitbetalen, maar die hun den tijd niet gunnen om hun godsdienstplichten te vervullen.

DE TOEKOMST

De toekomst behoort aan God, maar het verleden is ons een waarborg. Alles wijst er op, dat Tapkara een post is met een heerlijke toekomst. Zijn invloed is doorgedrongen tot Raigarh en Udaipur, waar over 8.000 Oeraons Christen zijn geworden. Ondanks de moeilijkheden blijven ze trouw en als eens de godsdienst vrij zal mogen verkondigd en beoefend worden, als de missionarissen eens het land mogen binnentreden, zullen zij een rijken zielenoogst vinden. Intusschen gaan de menschen naar Kurdeg, op Engelsch gebied, om zich op de Sacramenten te laten voorbereiden en om hun kinderen onderwijs te geven.

Wanneer men zich herinnert, dat waar vijftien jaar geleden alleen heidenen leefden, thans 16.000 christenen den goeden God dienen, hebben wij reden Hem te danken. Zonder twijfel is de vorming van die brave menschen nog onvolledig, maar we hebben reeds prachtige resultaten bereikt.

Onze lezers zullen het ons niet kwalijk nemen dat wij ook het laatste zinnetje van Pater Floor zijn brief overdrukken :

« Benevens de 3.000 fr. welke de schoolkinderen mij kosten, moet ik jaarlijk 1.500 fr. vinden voor mijn landbouwkundige... »

En dit andere :

« Voor de verdere uitbreiding en ontwikkeling van onze christengemeente, lijn degelijk gevormde katechisten hoogst noodzakelijk. Hun opleiding duurt twee jaar en kost mij per man ongeveer 2.000 fr.... In Januari zou ik zoo graag twee veelbelovende jongens naar de katechistenschool van Tongo zenden... ».

Sluiten