is toegevoegd aan uw favorieten.

Jezuïeten-missies; maandschrift, 1938, no 28, 01-12-1938

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

onwelriekend was. Aanstonds zonk hel" kindje en verdween in de diepte.

Thuis gekomen zocht de moeder in razende smart haar kleinen lieveling, langs bergen en bosschen, in de dalen en bij de rivieren, maar troosteloos was haar zoeken.

Zij kwijnde weg van verdriet en hartzeer.

Dan eindelijk, na enkele jaren was de Patih Sida-Paksa teruggekomen. Met onverschrokken moed had'hij zijn plicht gedaan en de opdracht volbracht. Stralend van jeugdige kracht en fierheid bood hij de vorstin de langbegeerde bloem aan, de bloem die eeuwige jeugd en schoonheid geven zou.

Toen reed hij vlug, vlug als het verlangend kloppen van zijn hart, naar zijn zonnige woning om vrouw en kind te begroeten.

Doch daar kwam zijn eigen moeder reeds van verre aangeloopen; schreiend, ontsteld, ontdaan, deelde zij den edelen Patih mede, dat zijn vrouw gebleken was een hardvochtige, booze moeder te zijn, want eens op een dag dat zi| meende alleen te zijn, door niemand gezien, had zij haar eigen kind, zijn eerstgeboren lieveling in de rivier verdronken.

« Als gij », zoo. sprak zij verder, « haar ziet met schreiende oogen, weet dan dat zij zich ziek en treurig houdt, om aan uw toorn te ontkomen, uw rechtvaardigen, geharnasten toorn. »

Toen de Patih nu zijn woning binnen kwam en zijn vrouw ontmoette, die, uitgeteerd en zwak van verdriet, uitgestrekt lag op haar legerstede, volgde geen omhelzing, gaf hij haar geen kus, stak hij haar de hand niet toe. Star als een steen was zijn gelaat; dan spatte er vuur uit zijn oogen van woede, ook de kris in zijn stoere hand sloeg vlammen, afgrijselijk !

« Vrouw », zoo toornde hij, « gij zijt niet waard, dat de stralende zon uw leden nog koestert ! Gij zijt niet waard dat de gouden rijst van onze sawah's u ten voedsel zij ! Gij zijt niet waard de vrouw te zijn van den Patih Sida-Paksa. Gij hebt hem bedrogen, gij hebt zijn kind vermoord. Zeg me, voor ik u krissen (1 ) ga, waarom gij het kind in de rivier geworpen hebt ?

(I ) Dooden met een kris.