Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

NIET DE LOONER VAN HET GOED

Nzambi straft de overtreders van zijn wetten; nooit spreken de Bakongo over belooningen aan zijn trouwe dienaars gegeven.

De boosdoeners, die de geboden van Nzambi of de overgeleverde wetten of de gewoonten van het land en van den stam overtreden, worden bij hun dood uitgesloten van de gemeenschap der voorouders en veroordeeld als spoken te leven tot hun eigen ongeluk en tot het ongeluk van de menschen, die zij niet ophouden te kwellen. De goeden daarentegen, die alle wetten hebben onderhouden, verhuizen bij hun dood naar het verblijf der goede voorouders, in onderaardsche dorpen, waar een overvloed is van vrouwen, wild en palmwijn.

Deze scheiding van goeden en slechten wordt nergens aan Nzambi toegeschreven; zij is veeleer een daad van de voorouders, die aan de boozen den toegang tot hun dorpen weigeren.

« Nzambi is Nzambi ».

Deze enkele trekken schetsen nog geen concreet beeld van Nzambi. We mogen echter aan de Bakongo niet meer vragen.

Als plotseling een wind de bladeren beweegt, zeggen de ouderen, terwijl zij naar de ritselende takken wijzen : « Nzambi kwam voorbij. » Vraagt men hun, waarom zij zoo spreken, dan zal het antwoord onveranderlijk zijn : « De ouderen hebben dat ook gezegd ».

Als bij het praten van verschillenden tegelijk opeens een stilte valt in het gesprek, mompelen de ouderen met den wijsvinger naar den hemel : « Nzambi ! »... Waarom ?... « De ouderen hebben dat ook gezegd. »

Zij redeneeren niet over hun tradities, zij herhalen ze trouw. Vraag hun niet : Wie is Nzambi ? De meesten zullen antwoorden : « Wij weten het niet, wie Nzambi is. » Anderen zullen schalks zeggen : « Nzambi is Nzambi », want de Bakongo hebben nog nooit een definitie gevonden. Breng ze op den goeden weg en vraag : « Is het een man, een stamhoofd, de zon, de maan, de he-

Sluiten