Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

zooiets meegemaakt. Met ons tweetjes zouden wij verspreid wonende katholieken gaan bezoeken. Wij dwaalden al gauw van den goeden weg af. Toch geen toeval. Want in het eerste dorp hoorden wij, dat er een vrouw op sterven lag. Terwijl wij het ruime voorhuis doorliepen, kwam haar man, een inlandsch bestuursambtenaar en nog wel van Javaanschen adel, ons te gemoet en zei, dat de zieke al niet meer spreken kon. Wij mochten het binnenhuis ingaan, waar wij, Hollanders en vreemden, anders nooit toegelaten worden, en dat, zooals altijd wanneer een Javaan sterft, propvol zat met bekenden en familieleden. Die schikten zich eerbiedig op zij. Een vroeg of ik de dokter was. Ik zei : « Gauw gewoon water, a. u. b. » Eerst enkele bedekte vragen, een kort gebedje en voor het eerst in mijn leven heb ik toen het Doopsel toegediend, onder voorwaarde, en de stervende Maria genoemd. Dicht bij het oor van de vrouw, die met open mond te sterven lag, heb ik gezegd : « Nu moet u bidden : Heer, ontferm u over mij. Heer, vergeef mijn zonden. » Misschien heeft ze me verstaan, want even heeft ze de lippen verroerd. Als het Sacrament geldig is geweest, leeft Maria nu bij 0. L. Heer. Bij het heengaan vernamen we, dat de man, een Mohammedaan, al iemand naar de stad had gestuurd, om een Javaansch-sprekenden priester te roepen, maar dat de bode er geen had thuis gevonden. Later bleek, dat een der kinderen van de zieke op een katholieke school was geweest en om zich heen het goede zaad van Christus had gestrooid. Ik beschouw het als geen toeval, dat wij dien dag onze statie in tegenovergestelde richting hebben gezocht.

Sterk is de invloed van onze schoolkinderen op hun omgeving en toch worden er betrekkelijk weinig onder hen gedoopt : het gevaar voor afval is te groot, vooral wanneer zij niet gauw een katholiek meisje kunnen huwen.

Het is wel een feit dat in Midden-Java de felle Mohammedanen niet bizonder talrijk zijn. Maar beteekent dat niet dat de Javaan er op godsdienstig gebied onverschillig is P En bleek een godsdienstlooze omgeving niet gevaarlijker dan een vijandelijk gestemde ? Pater Soegijapranata, S. J., een onzer eerste Javaansche

Sluiten