Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

en zijn stokje hun feestzaal binnensukkelen. Ze stonden allemaal

stil en recht, roerloos in hun eerbied.

Bij al wat er op die missiezitting gebeurde, kon de provinciaal niet uitmaken of Pater Beuders er van genoot. Weggezakt in zijn stoel, zat die er maar bij, stil en woordeloos.

Jongens droegen verslagen voor, jongens declameerden en zongen, de fanfare speelde. Pater Beuders zat roerloos. « Zou hij het eigenlijk wel begrijpen? » vroeg de provinciaal zich af. Tot het einde kwam : het missielied. Heel de zaal zong het : heel die zaal vol jonge harten, vol bruisende geestdrift. Dat heerlijke lied van Vlaamschen missiezin, waar de jongensstemmen in groeien, in openzwaaien tot de magnifieke eindbelijdenis van het

refrein :

« Laat stralen dien gloed,

't Is de zon die het doet,

de waarheid, de klaarheid, de liefde ! »

Er kwam beweging in Pater Beuder's lichaam toen die woorden voor de eerste maal klonken, gedragen op de geestdrift van de honderden jongensstemmen, zóó dat de zaal er van dreunde.

Zijn hoofd rekte hij er bij recht. Er kwam glans in zijn matte oogen en in zijn lichaam iets als het spannen van een veer.

Opnieuw een strophe, opnieuw hetzelfde refrein : ...« de zon die het doet !... de 1 iefde ! »

Niemand anders hoorde de woorden, die toen ineens op den missionaris z'n lippen trilden, niemand anders dan de provinciaal. Die las ze er trouwens veeleer dan dat hij ze hoorde : — « Schoon !... Schoon, schoon ! »

Maar velen zagen reeds in de zaal die verandering in zijn gestalte, zagen dat zich strekken van zijn rug, zagen de beweging waarmee hij, luisterend, zich half omkeerde naar de zingende koppen, zagen dien glimlach op zijn gezicht.

En toen voor den derden keer het refrein omhoog ging : « de zon die het doet !... » was er geen meer die het niet zag hoe de missionaris zich ineens recht trok, hoe hij zich oprichtte in "zijn volle lengte voor hen, plots weer verjongd tot de reus van vroeger, hoe hij met een gebaar van geestdrift zijn stok hief

Sluiten