is toegevoegd aan je favorieten.

Katholiek sociaal weekblad, jrg 12, 1913, no 18, 03-05-1913

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

evenwel op een onlangs te Manchester gehouden afgevaardigden- ■ vergadering werd afgezet en het beheer der zaken van den bond tijdelijk opdroeg aan diens vertrouwensmannen. Deze werden onlangs door het hoofdbestuur buiten de deur van het eigen gebouw gezet. En daaruit is nu het afgezette bondsbestuur op

zijn beurt verjaagd geworden.

Een groot aantal bondsleden van Londen en omstreken drongen er met geweld binnen, op aanraden der verdreven vertrouwensmannen. Zij legden beslag op het gebouw en al de zaken van den bond, terwijl het hoofdbestuur op straat werd gejaagd. Men raakte even handgemeen en bij die schermutseling werden enkele

personen gewond.

De vertrouwensmannen behandelen nu de zaken van den bon tot aan de verkiezing van een nieuw bestuur. Maar het oude berust niet in zijn onwettige afzetting en is voornemens daartegen een proces te beginnen. Men tracht dat door bemiddeling te voorkomen. Maar de twee verdeelde partijen van den bond zijn niet gemakkelijk te verzoenen. En het syndicalisme (anarchisme) speelt daarin eene groote rol.

De arbeidsongevallen in Frankrijk in 1911. Het s Bulletin de 1'Office du travail" van Maart 1.1. kondigde de statistiek der arbeidsongevallen af, voorgekomen in Frankrijk in 1911.

In 't geheel kwamen 474,396 ongevallen voor. Daarvan 2002 doodelijke. Met bestendige werkonbekwaamheid voor gevolg waren er 5449. Met eene tijdelijke werkonbekwaamheid van 4 dagen en meer waren er 461.425. Van 5520 ongevallen bleven

de gevolgen onbekend.

De ongevallen, voorgekomen in spoorwegdienst, zijn m deze cijfers niet begrepen; ook niet die van de mijnen.

In de mijnen kwamen 60.254 ongevallen voor, waarvan 434 doodelijke, j518 met bestendige werkonbekwaamheid, 59201 met tijdelijke onbekwaamheid en 101 zonder bekende gevolgen.

In't geheel dus 534650 ongevallen, waarvan 2436 doodelijke. Per 1000 werklieden en bedienden kwamen de ongevallen in de onderscheiden nijverheden in volgende verhouding voor:

Voedingsnijverheid, 77,7; Scheikundige nijverheden 162,9; papier- 'en caoutchoucnijverheid, 81,9; boekmjverheid, 416; textielnijverheid, 42.6; kleernijverheid, 12; strooi- en pluimennijverheid, 28.9; ledernijverheid, 43.8; houtbewerking, 94; metaalbewerking, 310,9; gewone metaalbewerking, 182,7; fijne metaalbewerking, 27,6; edelgesteentebewerking, 13.8; Steenhouwerij 78.9; aardewerken en bouwnijverheid 190.6; aardewerknijverheid, 88.9; handelsbedrijven, 88.7; schouwburgen, enz., 29.2; banken,

enz., 4.4, gemiddeld: 99.1.

Het gemiddeld getal steeg in 1911 van 87.2 (1910) op 99. ,

dus met 12 per duizend.

't Is in den regel in de nijverheden waar de meeste ongevallen worden aangetroffen, dat ook de ergste voorkomen.

De volgorde is: 1. Metaalbewerking; 2. Handel en vervoer; 3. Bouwbedrijven; 4. Mijnen; 5. Houtbewerking, enz.

Ziekteverzekering in Duitschland. — In 1911 bestonden in Duitschland 23.109 ziekenkassen. Het ledental was 13.619.048. De vermeerdering van't getal verzekerden was ongeveer 550.000.

De ziektegevallen, die onbekwaamheid tot werken voor gevolg hadden, waren ten getale van 5.772.388, met 115.128.905 ziektedagen. Per lid kwamen dus gemiddeld 0.42 ziektegevallen en

8.45 ziektedagen voor.

De ontvangsten bedroegen 412.290.611 Mark; de uitgaven 392.524.744 M. De bestuurkosten zijn geweest van 22.189.349 Mark verschillend tusschen 1.85 en 2.82 M. per lid en pei jaar volgens de onderscheiden verzekeringskassen.

De geneeskundige behandeling kostte 83.7 millioen Mark: verpleging in gasthuizen, sanatoria, 53.1 plus 51.4 millioen M.:

de eigenlijke ondersteuning, 153.5 millioen; ondersteuning van

wangere vrouwen, 6.7 millioen. L>e totaie uitgaven Kwamen

emiddeld op 26.25 M. per lid.

De verzekeringskassen hebben een gezamenlijk vermogen van 113 millioen M. Om van te watertanden!

Gemeentelijke voorziening der ingezetenen met levensniddelen. — In een opstel doet prof. Edzer Mihaud, hoogeeraar aan de universiteit van Genève, mededeelingen over de verking van het ingrijpen der gemeenten in de levensmiddelenvoorziening.

Volgens hem verminderen in Zwitserland de prijzen van aardippelen door gemeentelijken verkoop in Schaffhausen met 12-20 pCt., inLuzernmet 14—18 pCt., in Bern met 17-24 pCt.; de prijzen van gele rapen in Luzern met 11—16 pCt, van appels met 10 pCt; van zeevisch in St. Gallen met 30 pCt. In Duitschland werden

gelijke ervaringen opgedaan.

Bijzonder interessant zijn de gegevens omtrent de gemeentelijke bakkerijen van Boedapest en Verona. Die van Boedapest (met 730.000 inwoners) zet reeds 78.000 kg. per dag om, die van Verona (met 73.000 inwoners) 3500 kg. De kwaliteit van het brood wordt als voortreffelijk geroemd; het wordt geheel machinaal vervaardigd en garandeert dus de grootste zuiverheid. Vóór de opening was in Budapest de broodprijs 30 heller (15 ct.); de gemeentelijke bakkerij verkocht het direct voor 19; wittebrood werd voor 43 heller verkocht, door de gemeente voor 33. In Verona was de prijs 49 a 51 centimes, terwijl de gemeente verkocht voor 40 centimes. De bakkers moesten dus wel naar beneden; in Verona verminderden zij den prijs met 5 centimes, in Boedapest na 6 maanden met 6 heller, na een jaar met 9 voor het bruine en 8 voor het wittebrood. Intusschen bleek de gemeente nog lager te kunnen gaan, zoodat een daling met 60 pCt. bij vergelijking met vroeger kon worden bereikt. — En dan zegt men altijd, dat de gemeente zooveel duurder exploiteert dan de particuliere nijverheid!

Mijnwerkersbond in Duitschland. — De Duitsche Mijnwerkersbond had in 1912 buitengewoon groote uitgaven. De bondskas bezat aan het eind van dat jaar 2,681,536 mark. De inkomsten van leden bedroegen 2,193,503 mark, terwijl uitgegeven werden: voor werkstakingen 2,092,597 mark, voor gestraften 135,957 mark, voor werkloozen 50,168 mark en voor zieken 354,957 mark.

NIEUWE BOEKEN.

Aus Natur und Geisteswelt. (Inh. 14: Otto, Das deutsche handwerk 4. A.; 80: Hubnch, Deutsches Verfassungsrecht, 2. A. • 243: Charmatz, Oesterreichs innere Geschichte 1848—1907,

Bd'. 2 2, A.; 393: Vater, Dampfmaschine, 3. A. ; 398: Maier, Das Geld; 408; Walzel, Fr. Hebbel u. seine Dramen.) Leipzig, Teubner. Je M. 1. Geb. M. 1.25.

Eieenbauser. Kleine Wohnhauser. Von Architekten N. Gebhardt und C. Eberhard, Wiesbaden, Westdtsche Verl.-Ges. —

80 blz. M. 3. ,

Kleinwohnungs-Hauser. Von Baurat M. Beetz. 4. A Wiesbaden,

Westdtsche Verl.-Ges. — 96 bldz. M. 1.80. Geb. M. 2-40. Die zivilrechtliche Haftung d. Zeitung für fa-lsche Nachriehteri.

Von Dr. H. Meides, Paderborn, Schönmgh. — 42 Bldz. M. 1.4U.

Taxamter oder private Schatzungen? Von A. Ecker, Essen,

Schulte. — 74 blzd. M. 1.50. ,

Zweiter dtscher Kongresz f. Jugendbildung U-J"°er\dkl^d® „n München i. Oct. 1912. Leipzig, Teubner. — 211 bldz. M. 2 80 Weibl. lueendpflege. Winke f. schulentlassene Madchen von Bischof Dr. A. Bertram. M.-Gladbach, Volksvereme-Verlag.

55 blzd. M. 0.15. -q

Reichs-Finanzreform u. Bodenreform. Von A. Damaschke. Ber-

lin, Bodenreform. — 46 blzd. M. 80.

Das Bauwerkrecht. Von Dr. B. Hutten. Marburg, Llwert.

96 blzd. M. 2.