is toegevoegd aan je favorieten.

Jaarboekje, 1923, 01-01-1923

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Ridderkerk: W. Blanken.

Rotterdam: H. Segaar en C. A. v. Walsum.

Sneek: G. v. d. Meulen en J. L. Westhof.

Tiet: S. T. Verdonk.

Utrecht: G. Grootveld en H. C. Gathier.

Walcheren: P. Cornelisse.

Zeist: J. H. van den Hoff.

Zwolle: G. C. Schakel.

Opening:

Om 2 u. 10 laat de Voorzitter P. ZWITSER Ps. 97: 1 en 7 zingen en gaat de Vergadering voor in gebed. Daarna leest hij Psalm 90.

De Voorzitter heet de talrijke aanwezigen welkom en in het biezonder de H.H. Oosterwijk (Vereeniging van Chr. 0.), Janse (Ver. v. Chr. M.U.L.O.), Van Dijk (Indiese C. O. V.) en Amelink (C. N. V.)

Openingswoord van de Voorzitter:

Dit gaat uit van de recente gebeurtenissen op Onderwijsgebied, v.nl. de herziene „techniese" herziening der L. O. wet, welker resultaten Spr. kenschetst met de woorden: bezuiniging miniem, reaktie troef. Waar bezuinigd had kunnen worden (leerplichtrompslomp, schooltoezicht, opleiding H. B. S.) liet men de gelegenheid voorbij gaan.

De vermeerdering van het aantal leerlingen per onderwijzer kan nauweliks, volgens spreker, enige bezuiniging met zich brengen, hoogstens wat meer moeilikheden voor de (M.) U. L. O. scholen. De hoofdmoot der bezuiniging zal, vreest hij, moeten komen van de salarissen in den vorm van pensioenkorting, klassificatie-aftrek en verlaging der (M.) U. L. O. marge.

Overigens betekenen de veranderingen evenveel stappen achteruit, behalve dan de goede maatregel tot het blijvend verbieden van 't onderwijs in 't Frans in de eerste zes leerjaren, waarvoor spr. de minister van O., K. en W. dank zegt en later, ook de houding van de heer van der Molen toejuicht. Daarentegen bewijzen de handhaving van het ambulantisme op de biezondere scholen, de uitbreiding van de bevoegdheid der besturen, om meerdere bepalingen in de akte van benoeming op te nemen dan de wet voorschrijft, de weigering van het verplicht overleg met de biezondere onderwijzers inzake leerplan, enz. maar al te