is toegevoegd aan je favorieten.

Jaarboekje, 1938, 01-01-1937

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

hoofde van hun bijzondere positie en plichten morele aanspraken kunnen doen gelden op beter en veiliger positie dan van hen, die in het vrije bedrijf werkzaam zijn. „Mijnerzijds kom ik alzo tot de conclusie, dat in het loon van de officieel aangestelden een extra surplus moet schuilen", aldus bedoeld standaardwerk. We vrezen, dat deze gedachte in de loop der laatste jaren wel een beetje op de achtergrond is geraakt en daarom zullen we haar maar eens bijzonder onder de aandacht

moeten brengen.

Het vraagstuk, dat ons met de meeste zorg vervuld heeft, is wel dat van de werkloze jongeren, waarvan er nu naar schatting een 15.000 rondlopen. De actie, die bedoelt door verlaging van de leerlingenschaal het onderwijs op te heffen uit de toestand van verval, waarin het is geraakt, zou als direct gevolg hebben, dat een groot aantal nieuwe plaatsen open zou komen, waarmee voor de helft dezer werklozen een einde zou komen aan hun moeilijk en voor elk gevoel onbevredigend bestaan.

Daarnaast blijft urgent het probleem van de herplaatsing der wachtgelders, waaraan er altijd nog een 1200 over zijn. In het bijzonder interesseren ons daarvan natuurlijk de 300, die in onze Christelijke scholen werkzaam zijn geweest en die voor verreweg het grootste deel nog valide zijn en graag werken willen. We vrezen, dat, tenzij de regering hun herplaatsing krachtiger bevordert dan tot nu toe, velen hunner straks gevaar lopen door de jongeren te worden verdrongen, wanneer de schooldeuren zich wijder openen dan tot heden het

geval is. . . ,

De samenwerking met verschillende organisaties in de Onderwijs-Centrale bleef voortreffelijk. Er zijn tal van vraagstukken, waar gemeenschappelijk optreden mogelijk is. Wij menen, dat het dan ook plicht is, die samenwerking zoveel mogelijk te bevorderen en hebben in de O.-C. daarvoor een niet genoeg te waarderen middel.

Een nauwer contact werd gezocht door en verkregen met de leraren bij het Chr. Nijverheidsonderwijs Uit een met deze organisatie gevoerde samenspreking bleek, dat er inderdaad gemeenschappelijke belangen zijn, die door wederzijdse besprekingen beter behartigd kunnen wor-