is toegevoegd aan je favorieten.

Amsterdamsche kerkbode; officieel orgaan van de Nederduitsche Gereformeerde Kerk (doleerende), jrg 9, 1895, no 446, 18-08-1895

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

de ƒ 10,000 spoedig bij elkaar zijn f 2.50; van 5 mej. R. W., voor „Effatha", voor de lectuur voor ! Blinden ƒ 0.50.

F. L VAN DER BOM. j

!

* „ * In dank ontvangen van de juffrouw ten B. ; te Scherpenzeel f 10.— , voor de Weezen.

P. N. DE VBIES Sr. « !

Orjrel Keizersgrachtkerk.

Nog steeds is de commissie ter verkrijging van i een orgel in de Keizersgrachtkerk niet in staat, > haar reeds lang beraamd plan ten uitvoer te ! brengen. Nog steeds is het eerste kerkgebouw ! van een eigen passend instrument ter begeleiding j van het kerkgezang verstoken. En nog steeds < blijft de belangstelling voor het orgel in de | Keizersgrachtkerk zoo flauw, dat de commissie ! in den eersten tijd wel niet aan den bouw van j het orgel zal kunnen denken

Dit laatste is echter maar eene onderstelling, | en wij hebben een heimelijke hoop, dat de ge- ! meente ons in onze veronderstelling zal beschaamd ; maken. Met minder dan geen moeite toch, zou ! er in één jaar duizend gulden kunnen bij elkaar ! gebracht worden. Rekenen wij het aantal kerk- J gangers b.v. op 1000 en hunne contributie door ! elkaar wekelijks op 2 cent per hoofd, dan geeft j dit f 20 in de week of ruim f 1000 in het jaar. !

Een volgend maal hopen wij u over den slechten ! toestand onzer kas enkele mededeelingen te doen, ! doch nu reeds verzoeken wij u dringend door ; een gave, lietst vaste bijdrage, ons te willen \ steunen. Vroeger hadden wij nog al eens giften I te vermelden door br. br. Diakenen en Gollec- : tanten ontvangen, doch thans is ook rdeze bron j van inkomsten bijna geheel opgedroogd"! Hoe { verblijd zouden wij zijn, indien op den a.s. rustdag de gewone rondgangen van br. Diakenen en Collectanten, voor ons eens een extra collecte bevatten. Een geringe moeite toch is het, een afzonderlijke gave in een papiertje te doen en dit in een der zakjes te werpen. Dit over al de kerkgebouwen gerekend, zou onze kas in eens een heel eind verder brengen. Mogen wij op zulk eene collecte rekenen?

Nog is bij den penningmeester ingekomen: f 4.50 aan contributiën, f 8.25 uit de groote bus in de doopkamer der Keizersgrachtkerk en ƒ 1.60 uit de kleine busjes in de trouwkamer, benevens ƒ 2. — van een extra trouwbeurt in de Raamkerk door bemiddeling van h h. organisten.

Namens de Commissie,

G. PLEITEB, Voorzitter.

Vergadering- van (len kerkeraad op Donderdasr 15 Augustus 's avonds 7 uur.

Praeses ds. de Gaay Fortman, scriba ds. van Loon.

De vergadering wordt geopend met gebed en de lezing van Psalm 67.

Tegenwoordig zijn 2 predikanten, 25 ouderlingen en 2 deputaten van de zusterkerk.

Een aanvraag om hulp wordt verzonden naar de Diaconale Vergadering.

Voorgedragen worden door het bestuurdersbond van corporatiën twee broeders als huisbezoekers voor de wijken 5 en 6; de vergadering besluit de voordrachten te verzenden naar de genoemde wijken om advies.

Op een verzoek van het bestuurdersbond om kerkeraadsboekjes te verstrekken aan al de bestuursleden van de corporatiën, zal geantwoord worden, dat zoo mogelijk dit jaar reeds, en anders in het vervolg, aan het verzoek zal worden voldaan.

Twee berichten van overlijden worden verzonden naar de betrokken wijkcommissiën.

Een exemplaar van de Heidenbode No. 8 wordt voor kennisgeving aangenomen.

Een brief van een broeder, die naar Naarden vertrok, wordt verzonden naar het bestuur van de Kerkelijke Kas.

Een schrijven van een broeder, houdende klacht over laster, wordt verzonden naar Wijk IV.

Een mededeeling van een broeder, die bericht, dat hij bij een meerdere vergadering zijn bezwaar heeft ingediend tegen den kerkeraad, omdat deze

met zijne bezwaren niet rekent, wordt voor kennis- j geving aangenomen.

Het schrijven van een broeder, die over huiselijk j leed klaagt, wordt gesteld in handen van Wijk VII. j

Een schrijven uit Soest, waarin de Kerkeraad j gewezen wordt op een jeugdig lid, dat de gods- j dienstoefeningen verzuimt, wordt gesteld in handen j van gecommitteerden tot Wijk IV.

Een echtpaar dat uit Amerika terugkeerde, zal ; op zijn verzoek in het register der kerk worden | ingeschreven, opdat hun kind zoo spoedig mogelijk j gedoopt worde. Aan gecommitteerden van Wijk V j wordt opgedragen met dezen broeder en deze j zuster over hunne attestatiën te spreken.

Namens ds. Renier rapporteert ds. Van Loon ! in zake den brief, die naar Hilversum werd ge- ! zonden. De vergadering besluit: den briefschrijver < in kennis te stellen met den inhoud van het > rapport, en verzoekt gecommitteerden van Wijk I ! aan het betrokken lid een bezoek te brengen. !

Na de rondvraag wordt de vergadering met ; dankzegging gesloten.

Gereformeerde Kerkte Amsterdam A. |

Gecollecteerd Plantage Kerk, voor de Armen, „uit dankbaarheid" f 1.—.

Ingekomen: bij Ds. Brouwer, van een Broeder en Zuster der Gemeente, voor de Armen f 4.28M-, bij Ouderling Dogger, voor de Armen, onder letter J. M. ƒ 0.75.

H. GROENENDIJK C.Azn.

Amstrrdam, '18 Augustus 1895.

Een merkwaardig verschijnsel doet zich in den laatst.en tijd voor bij zekere synodalen in de hoofdstad des lands.

Men neemt het, naar 't schijnt, weêr op voor beginselen ; en toornt tegen wie voor de gaafheid der beginselen niet genoegzaam waken en, door saamgaan met mannen van anderen geest, zich blootstellen aan het gevau' van afwijking van de rechte lijn.

't Geldt, gelijk velen wel zullen weten, de verkiezingen voor den gemeenteraad in onze stad.

Reeds sinds eenige jaren verbonden zich eenige minderheden, om aan de overheersching door eenen zekeren kring van burgers een einde te maken.

Daardoor kwamen tot samenwerking antirevolutionnairen met roomschen en radicalen.

Tengevolge daarvan is in de laatste jaren in dien raad ook menige plaats bezet geworden door mannen, die zich niet schaamden aldaar uit te komen voor den eisch, dien de Heere in zijn Woord ook aan de overheid stelt.

Men vermengde zich daarbij niet; men verloochende evenmin de beginselen, die men wederzijds huldigde : men hield zich alleen, door samenvoeging van kracht, eenen gemeenschappelijken tegenstander zooveel mogelijk van het lijf.

Wij zetten ons hier nu niet, om die gedragslijn aan een nauwgezette beoordeeling te onderwerpen.

Dat is elders, in sommige bladen, reeds meermalen geschied, met. argumenten zeker niet van gewicht ontbloot.

Vast staat gewis, dat niet met een enkelen, uit zijn verband gerukten tekst; of ook wel door eenig voorbeeld der historie, waarvan de toepasselijkheid op dit gevat nog bewezen moet worden, zulk een vraagstuk kan worden uitgemaakt.

Eerst moeten de gegevens nauwkeurig

worden opgemaakt; en dan moeten die gegevens bij het licht van Gods Woord bezien

Eerst dan kan met grond, naar strengen eisch van gezonde redeneering, over een dergelijk vraagstuk een oordeel geveld.

Van iets echter wat naar zulke wijze van behandeling zelfs maar zweemt, hebben wij de sporen nog niet ontdekt.

Tot zoolang blijve dan ook de vrijmoedigheid ter veroordeeling uit; en sta integendeel ongerept het recht om, ter verdediging van eenig recht of ter afwering van eenig onrecht dat dreigt of over ons gebracht werd, zich met een medeburger te verstaan, om door inspanning van gezamenlijke krachten te bereiken, wat wij alleen niet vermogen te doen.

Intusschen zijn de bovengenoemde broederen het daarover met de anti-revolutionnairen niet eens.

Zij laten luide den eisch weerklinken, dat men de beginselen hoog zal houden en inet mannen eens anderen geestes niet zal samenwerken.

Dat verschijnsel heeft ons verblijd; wel niet op zichzelven; want het heeft alleen tot resultaat gehad het dunnen van de rijen der trouwe belijders; maar wèl om de hope, die het ons geeft voor het optreden dier broederen op een ander gebied.

Indien toch de eisch van hun zoogenaamd beginsel zoo streng wordt doorgetrokken op een terrein, waarvan het nog onzeker is, of die daarvoor geldt, — wat mogen wij dan niet weldra verwachten op een terrein, waarvan het naar de meest klare en duidelijke uitspraken van Gods Woord zeker is, dat het beginsel medebrengt alle vermenging van beginselen en personen tegen te staan.

Voor de kerk geldt toch zekerlijk wel, dat vuur en water niet nevens elkander kunnen geduld ; dat samenwerking van mannen die Gods Woords heeten te eeren met dezulken die Gods Woord verwerpen en verachten, niet mag gedoogd.

De kerk is wèl een deugdelijk afgebakende kring, die hieraan juist gekend wordt, dat in haar m dden Gods Woord en Gods Woord alléén zuiver gepredikt worde en ook de Sacramenten ten volle naar den eisch des Heeren worden bediend.

De meer of min Gereformeerden onder hen hebben dat tot dusverre in het afgetrokkene wel toegestemd.

Slechts de ethischen hebben zich met de valsche bedekking beholpen, dat de tekst van het zout der wereld van toepassing was op een kerkstaat als die der Hervormden.

De anderen wisten wel, dat die uitspraak niet geldt van geloovige leden in eene ongeloovige kerk (men vergeve ons de haast al te zonderlinge uitdrukking!); maar wèl van die kerk in het midden der wereld.

Maar dezen lieten zich dusverre nog misleiden door allerlei nevengedachten, niet aan Gods Woord en ook niet aan de historie deiGereformeerde kerken ontltend, maar rustende op velerlei consideratiën va i practischen aard.

Daardoor was het, dat zij nog steeds bleven verkeeren in zoo droef verdorven staat als waarin zij nog zijn.

En daardoor was het dusverre ook onmo-