is toegevoegd aan je favorieten.

Amsterdamsche kerkbode; officieel orgaan van de Nederduitsche Gereformeerde Kerk (doleerende), 1895, 10-11-1895

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Tegenwoordig zijn voorts nog 3 predikanten, 22 ouderlingen en 22 diakenen, benevens 2 afgevaardigden van den kerkeraad van de Keizersgracht.

De notulen van de vorige vergadering met diakenen worden gearresteerd.

E<m schrijven van een broeder diaken, verzoekende niet meer in aanmerking te komen bij de a.s. periodieke verkiezingen, wordt voor kennisgeving aangenomen.

Met het oog op de a.s. periodieke verkiezingen wordt den sub-scriba opgedragen de leden der gemeente uit te noodigen, om namen op te geven voor de vervulling van de te bezetten plaatsen; naar de bepalingen dienaangaande nog steeds geldende.

Tegen de door het bestuur van de Gereformeerde ziekenverpleging voorgedragen tweetallen van candidaten voor de periodieke aftredingen in dat bestuur, zijn geen bezwaren; daarvan zal mededeeling gedaan worden.

Het schrijven eener zuster zal worden gezonden zoowel aan de gecommitteerden als aan de broederen diakenen.

Een schrijven van de deputaten voor de hulpbehoevende kerken in de provincie wordt voor kennisgeving aangenomen.

Naar het voorstel van den kerkeraad van de Keizersgracht zal in de Kerkbode mededeeling gedaan van den nood der kerk van Exmorra en Allingawier, opdat der gemeente de gelegenheid gegeven worde bijdragen te geven.

Een schrijven van eenige broederen over de niet bijwoning van sommige godsdienstoefeningen door de ambtdragers der Kerk, wordt voor kennisgeving aangenomen ; mededeeling daarvan zal geschieden door de gecommitteerden van de wijk, waarin de eerste onderteekenaar woont; des gewenscht kunnen door hem aan deze nog nadere inlichtingen worden verstrekt.

Na de rondvraag gaat de praeses voor in dankgebed en verlaten de broederen diakenen de vergadering.

De notulen van de vergadering van de vorige week worden gearresteerd.

Eveneens wordt gearresteerd een schrijven aan de bb. organisten.

Een verzoek om attestatie zal toegezonden aan den kerkeraad van Rotterdam (B).

Een broeder en zuster, aangaande wie een schrijven uit Vinkeveen is ingekomen, kunnen moeielijk bezocht worden, daar hun adres onbekend is.

Een schrijven van een broeder, die zijn verzoek om attestatie terugneemt, wordt voor kennisgeving aangenomen.

Na de rondvraag gaat de praeses voor in dankgebed en sluit hij de vergadering.

Gereformeerde Kerk te Amsterdam A.

* * * Maandag 11 November, 's avonds te 7 34 uur, vergadering van den Kerkeraad in de Nieuwe Kerk.

* * * Ingekomen bij Ouderling J. Verhagen, voor het Weeshuis, oi;der letter Y. f 1.—; bij Ouderling Wout, voor de Armen, onder letter P. f 1.—.

H. GROENENDIJK G.Azn.

Kleeding-Com missie.

Geliefde Broeders en Zusters!

Uwe medewerking in deze zaak is verblijdend daardoor toont gij te willen helpen, en door uwe toezendingen geeft gij daarvan blijk. Door ons werd met oprechten dank ontvangen door tusschenkomst van br Blankenberg 1 pak nieuw ondergoed, alsmede een zeer groot pak nieuw goed, bevattende onder meer: 25 paar wintersokken, 8 paar vrouwenkousen, 8 paar kinderkousen, Mans boven- en ondergoed, enz., enz., te zamen 115 stuks. Bij br Bömcke kwam in onder etter G. S. 1 pak kleeding; bij br van derBend

1 doos nieuwe groote en kleine schoenen; en eindelijk bij br Bührmann, letter E f 2.50, en onder letter A. N. G. 1 pak Mans- en Vrouwen Bovenkleeding en 2 paar schoenen.

Voorts werd de vorige week abusievelijk vermeld als ingekomen bij br Smit 2 mantels, dit raoest zijn 4 mantels. Voor dit alles i'nzen hartelijken dank. Schenlce de Heere U rijkelijk naar Zijne belofte het loon der dienende liefde ook in deze zaak betoond, door den armen leden Zijner gemeente datgene te schenken wat dient tot dekking en kleeding. In zooverre het een zijner minsten is gedaan, rekent Hij het zich zelve toe.

Voorts nog eene verblijdende mededeeling. Naar aanleiding van ons, rorige stukje (de vraag tot Zusters en Jongedochters gericht), kan worden medegedeeld dat zich deze week twee Zusters hebben aangemeld, meenende dat zich ook reeds anderen hadden aangemeld om als zoodanig een kring te vormen, welke als Zusterkrans voor onze Kleeding-Commissie hoopt werkzaam te zijn; alsmede. dat zich reeds een paar Zusters hebben opgegeven om als begunstigsters dezen krans te steunen.

Gij zult allen gevoelen dat ons dit zeer tot blijdschap stemde, en al moesten wij nu wel tot de beide Zusters zeggen: „Gij zijt de eersten, die aan onze roepstem gehoor gaaft", toch twijfelen wij geenszins of haar goed voorbeeld zal navolging vinden en er zullen ongetwijfeld meerdere Zusters en Jongedochters gevonden worden, die zich willen vereenigen om door onderlinge medewerking onze arme medebroeders en zusters van kleeding te voorzien.

Wie nu nog schroomvallig was, met te denken ik wil niet de eerste zijn, doch er wel lust toe heeft deel uit te maken van zoodanigen kring, zij dus niet meer beschroomd, maar wende zich tot den Voorzitter der Commissie, die gaarne bereid is in deze zaak alle verlangde inlichting verschaffen.

Gode alleen de dank voor alle blijken van liefde, verwekt in de harten der gevers of geefsters; en zij hier de bede geuit, dat ook later door de ontvangers of ontvangsters Hem voor alles de dank worde toegebracht.

Als altijd stellen alle diakenen zich tot. de ontvangst bereid, terwijl zij ook de door u beschikbare goederen van uw huis willen laten halen. Indien u dit verlangt, wordt u verzocht den Voorzitter der Commissie daarmede in kennis te stellen.

De Commissie bestaat uit de Broeders:

J. van Breevoort, Kerkstraat 40.2.

j. Bührmann, Nieuwe Leliestraat 142.

J. B. Blankenberg, le Helmersstraat 87.

G. F. Jurjaanz, Haarlemmerdijk 88.

W. van der Bend, Quellijnsti aat 80.

W. Bdrger, Von Zesenstraat 89.

Mar. Breebaart, Damrak 22.

J. Balhuizen. Leidschegracht 59.

h. G. Bömcke. Vijzelstraat 112.

Namens de Commissie: J. BÜHRMANN, Voon. J. BALHUIZEN, Seci et.-Penningm

Amsterdam, 1 November 1895.

heeren benoemd, die de voorbereidende werk«aamheden hebben geleid; het provinciaal kerkbestuur van Noord-Holland en de algemeene synode der hervormden zonden afgevaardigden ; sok eenige herv* 'rmde kerkeraden deden alzoo ; maar daarbij bleef het dan ook.

Wij hebben althans niet gemerkt, dat de heer Perk, onze moderne stadgen< >ot, die door 3e synode werd afgevaardigd, zich ergens heeft 3oen hooren; ook niet de heeren van het provinciaal kerkbestuur als zoodanig; het eenig ?evol=f van het aanvaarden van dit kerkelijk standpunt is geweest, naar 't schijnt, dat geconstateerd kon worden, zonder weerspraak, 3e mogelijkheid voor een sociaal-democraat om lid te zijn van den hervormden werkliedenbond, zoo hij lidmaat is van de hervormde berk; ook is er door iemand, eveneens op grond van het lidmaatschap der hervormde kerk tegenwoordig, een pleidooi geleverd voor het schandelijk woelen voor het z. g. tweekinder-stelsel.

Of neen, nog iets anders werd bereikt — en of dat winste was, worde beoordeeld door de bezoekers van deze samenkomst, die ook het sociaal congres een paar jaar geleden hebben bijgewoond ! — dat ieder man, die lidmaat is van eene der gereformeerde kerken, [laardoor alleen reeds werd buitengesloten.

Dat doel is bereikt; en als wij daarvan spreken als van een doel zeggen wij niet teveel, te oordeelen naar wat bij de opening door den ilgemeenen voorzitter werd gesproken; trouwens is algemeen bekend, in welk benauwd kerkistisch keurslijf deze steekt.

Maar dat nu daargelaten, w.:s de samenkomst eenvoudig eene herhaling van wat de vergaderingen voor inwendige zending in vroeger jaren waren, waar juist de onkerkelijke richting den toon aangaf; op dit congres is dit zelfs rond en ruiterlijk uitgesproken ; en den officieel afgevaardigden heeren moet het zonderling in de ooren hebben geklonken, met name op het gebied van Evangelisatie, te moeten vernemen, dat men niet kerkelijk wenschte te zijn.

Op dat terrein gaf het methodisme den toon ian ; en het optreden in verband met dit jongres van een man, die de leer der volmaaktbaarheid voorstaat, waï volkomen in den haak.

Ook op ander terrein heeft het congres aanleiding gegeven tot het uitspreken en verledigen van meeningen, met het z. g. uitgangspunt van dit congres in volkomen wederspraak.

In strijd toch met het door de protestant3che kerken gehuldigd beginsel, dat de geïnstituserde kerk er is louter en alleen met het Dog op den dienst des Woords en der Sacramenten, is men overgëtreden op den grondslag, waarop Rome staat; dat aan de kerk, in hare ambtdragers vertegenwoordigd, recht van zeggenschap geeft op elk terrein van het menschelijk leven.

Dat is bij Rome volkomen begrijpelijk; de ileius is het uitsluitend orgaan van den H. Geest tot verklaring, zoo noodig tot aanvulling, van wat ons in de H. Schrift is geopenbaard ; maar van zulk een gezaghebbend optreden van de dienaren des Heeren in zijn kerken weten de gereformeerde kerken niet.

Amsterdam, 10 November 4895.

Wij hebben ons indertijd veroorloofd eenige opmerkingen te maken over het toen nog voorgenomen Kerkelijk Congres; met name over den grondslag, waarop het werd saamgeroepen ; cle conditie daarvoor gesteld was toch alleen deze, dat men moest wezen lidmaat van de Hervormde Kerk.

Wij zijn daarop toen niet nader teruggekomen, aan de uitkomst overlatende, om oiize opmerkingen al dan niet te rechtvaardigen

Naar verlaidt, is het daar tamelijk wel gegaan, zooals kon worden verwacht.

In den uitwendigen opzet was het «kerkelijk karakter" streng volgehouden; door de classicale vergadering der hervormden waren de