is toegevoegd aan uw favorieten.

Maandblad voor den Nederlandschen landbouwer, 1882, no 10, 1882

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

ONTGINNEN VAN BKOEKVEENGRONDEN.

de veenlaag te dun wordt en waarin geen veen geschikt voor lange steekturf gevormd is. Op enkele plaatsen vindt men darg ot kortveen, bruikbaar voor het maken van korte turf. Behalve deze zoomen langs de hooge venen vindt men uitgestrekte velden broekveen. Alle broekvenen zijn waarschijnlijk gevormd, terwijl deze streken reeds door menschen bevolkt waren; waar menschen wonen vindt men tevens' vee; de eerste bewoners van ons land waren zeker in ’t bezit van paarden, runderen en varkens; schapen schijnen eerst later ingevoerd te zijn. Dit vee werd geweid op de groengronden langs beken en rivieren en vooral op de broekveengronden; het houtgewas, op deze gronden, werd door de bewoners der omliggende hooge zandgronden verbruikt. Kreupelhout-struiken en dorens werden door het vee als voedsel gebruikt of vertreden. De oppervlakte was begroeid met rusken, bent en sekgrassen, bloembiezen en zuurgras, waarvan de toppen door het vee wer en afgevreten en de rest inden grond getrapt, een en ander vermengd met de dierlijke uitwerpsels. Inde laagten, waar de veenlaag te dik werd om door het vee beloopen te worden, terwijl daar veel water opgehouden werd, veranderde de massa m darg ol kortveen, dat is door toetreding van lucht meer verrotte plantaardige stol Op deze plaatsen heeft de veenlaag dikwijls eene dikte van 1 tot 11/2 meter. Overal waar de veenlaag minder dan 1 meter dikte heeft, ligt eene taaie vast ineen getredene veenlaag. Deze laag wordt veelal vergraven voor bonken, kluiten of zoogenaamde boerenbrand. Wanneer wij nu het verschil in samenstelling en de zeei verschillende omstandigheden waaronder de hooge turfvenen en het broekveen gevormd is, beschouwen, dan valt het verschil m kwaliteit van den grond zeer in het oog, en ieder landbouwkundige zal zeker begrijpen, dat bij het ontginnen en bemesten op dit verschil gelet moet worden. Broekveen staat in vruchtbaarheid veel boven uitgeveend hoogveen. iAnenoim Het ontginnen van broekvenen dagteekent reeds van de 11 ee w Het ontginnen van ondergrond, uitgeveend hoogveen, dagteekent van de11e7e eeuw, doch in ’t begin werd aan het werk weinig zorg besteed, eerst inde11e8e eeuw is men begonnen het land beter te bewerken, de harde zandhoogten werden losgebroken, de veonoppervlakte meer gelijk gemaakt, het land werd beter en met meer zorg bewerkt en bemest, de granen op rijen gezaaid en goed gewied. Inde uitgestrekte veenderijen inde provinciën Groningen, Drente en Overijsel zijn behalve kanalen, hoofdwijken gegraven en int belang der vervening, zijn vanuit die hoofdwijken, dwarswijken, deze zijn op gelijke afstanden zooveel mogelijk evenwijdig gegraven, aan ’t Stadskanaal, provincie Groningen, b. v. om de 80 nieters. Deze wijken zijn noodig voor het afvaren van tuil. Nadat het veld is uitgeveend en de turf afgevaren, wordt de 80 meters breedte door opgaande gruppels op akkers van 20 meter breedte gelegd en op eene lengte van ± 120 meters door dwa – sloot en in blokken verdeeld, daarna wordt de veengrond ge y o maakt en goed doorgehakt en met eene laag zand ter i o van 0.05 tot 0.10 meter bedekt, hiervoor wordt het zand gebruikt al-

149