is toegevoegd aan uw favorieten.

Maandblad voor den Nederlandschen landbouwer, 1883, no 6, 1883

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

DE KULTUUK YAN GRASSEN YOOR ZAAD WINNING,

stuifzand enz. Maar vele zijn zelfs bepaald schadelijke onkruidplanten vooral op bouwland, bij wisselbouw. De onderstaande opmerkingen zijn hoofdzakelijk ontleend aan het genoemde werkje van Jenssen. De wetenschappelijke benamingen staan hier voorop, omdat de Nederlandsche, voor zooverre zij nog bestaan, niet algemeen in gebruik zijn. Als bosehgrassen moeten genoemd worden: 1. Atba flexuosa L. (Windhalm, Smeelen). Als „Goudhaver” (!), somtijds verkocht, terwijl verder ook het onder den naam van Avena fiavescens, de echte Goudhaver (vergel. bl. 9 enz.) inden handel voorkomende zaad bijna inden regel geheel of grootendeels uit het zaad van Aira flexuosa bestaat. Het gras bezit hoegenaamd geen waarde. 2. Festuca gigantea Vül. (Bemachtig Zwenkgras). Soms als ~Keuzen-voederdravik” opgehemeld, groeit het echter alleen inde schaduw, waar de halmen meer dan 1.5 meter lang kunnen worden. 3. Festuca sylvatica Vül. (Bosch) (?) Zwenkgras. Wordt niet onder de inlandsche Grassen vermeld. Het Gras heeft veel overeenkomst met het voorgaande, groeit slechts inde schaduw en wordt spoedig hard, terwijl het door alle soorten van vee versmaad wordt. Bovendien komt er ook zelden echt zaad van inden handel voor. 4. Poa nemobalis L. Boschtninnend Beemdgras. Is zeer bruikbaar op grasperken inde schaduw. 5. Bbaciiypodium sylvaticum R. et Schuit (Kortsteel). Van dit boschgras komt zeer zelden echt zaad inden handel, meestal wordt er dat van Festuca sylvatica voor verkocht. De Kortsteel groeit mede inde schaduw en het gras wordt even als dat van B. pinnatum, dat meer op open plaatsen groeit, zeer spoedig hard. 6. Milium efeusum L. (Wijdpluimig Gierstgras), Melica unifloba Betz en Melioa ndtans L. (Eenbloemig en Knikkend Parelgras). Drie Grassen in vochtige bosschen voorkomend en alleen voor wildparken geschikt. Nog minder waarde bezitten Melica ciliata L. en Melica altissima Soh.; toch wordt het laatste meermalen als een vroeg en veel opleverend Gras aangeprezen. i 7. Holous mollis L. (Zacht Zorggras). Wordt voor lichte veenachtige grondsoorten soms sterk opgehemeld. Men zij echter voor dit Gras op zijne hoede; het levert zeer weinig op en vervuilt door zijne sterk over den grond zich verspreidende uitloopers, akker en weide ineen erge mate, terwijl het tevens den grond uitput. Men verwarre het dus niet met het Wollige Zorggras (Zie bl. 33). Ware onkruidgrassen, behalve de reeds genoemde Duist (blz. 137 vorigen jaarg.), de Dreps en het Zachte Zorggras zijn: 8. Apeba spica venti P. B. Agrosïis s. v. L. (Windhalm of Muggepoot), die soms het gewas van geheele akkers met Rog ge, Klaver en vooral Lucerne verstikt; eender lastigste onkruidsoorten. Toch wordt het dikwijls naast Agrostis vulgaris en A. stolonifera in prijscouranten, zij het dan ook niet met bepaalde lofspraak, vermeld. Terwijl de op kleigrond bijna even schadelijke Duist, op lichtere zandgronden weinig schade doet, groeit de echte Windhalm op alle soorten van grond welig.

92