is toegevoegd aan uw favorieten.

Maandblad voor den Nederlandschen landbouwer, 1884, no 3, 1884

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

LACTINA BOWICK (1).

Zoowaar mijn dag is bedorven wanneer ik de „Landbouw-Kroniek” ter hand genomen heb. „Hé, waarom?” vraagt wellicht een of ander nieuwsgierige, en inde eerste plaats ü, Mijnheer de Redacteur, die mij ongetwijfeld ter verantwoording roepen zal. Luister slechts! Op de laatste bladzij van ieder nommer kan men eene advertentie vinden van den Heer van den Bosch, betreffende de Lactina Bowick, hetwelk daar en voornamelijk inde prospectussen wordt verkondigd als het voedsel bij uitnemendheid voor kalven, ter vervanging der moedermelk. Yerlokt door de schoonklinkende attesten (meestal van vakgenooten uit den vreemde) mij op aanvrage door den Heer v.d. B. toegezonden, besloot ondorgeteekende eene proef te nemen en bestelde een baaltje van 50 kilogr. tegen f 17.50. Een schoon stierkalf, waarvoor ik ƒ 12. betaalde, werd aan de proef onderworpen en met de meeste accuratesse door mij zelf gevoederd, volgens gebruiksaanwijzing. Tot mijne groote verbazing werkte de Lactina in tegenovergestelden zin, en werd het kalf met den dag magerder, terwijl het na 4 weken het voedsel tot zich weigerde te nemen. Uit medelijden gaf ik het arme dier gedurende eenige dagen koemelk, en werkelijk was toen spoedig verbetering zichtbaar, doch nauwelijks weer met Lactina gevoederd, ging het dier nog harder dan voorheen achteruit, terwijl het op den leeftijd van 6 weken eene waarde vertegenwoordigde van nog geen f 3.—, althans ondergeteekende zag geen kans het voor dien prijs van de hand te doen. Daarenboven kreeg het slachtoffer der Lactina Bowick een hevige diarrhée, die noch door de Lactina te koken (een middel daartegen volgens gebruiksaanwijzing aanbevolen), noch door medicamenten tot stilstand waste brengen. Een verpestende stank vervulde stal en schuur, zoodat ik eindelijk besloot het dier (toen 7 weken oud) dat niet meer staan kon, en geheel rauw was, af te maken. Ik veranderde van besluit en schonk liet dienzelfden dag aan een armen arbeider, die het kalf opkweekte met roggebrood, middageten, heide en wat slecht hooi, en ziet, herstel was spoedig merkbaar; na 4 maanden was ’t geheel genezen en zag er voor een heibeestje uitstekend uit. Zooals zulks gewoonlijk gaat, werd ik braaf uitgelachen om mijne proefneming en maakte ik haar niet meer ruchtbaar dan noodig was, totdat op een landbouwvergadering te Wageningen de Lactina ter sprake komende, de Directeur der Rijkslandbouwschool mij meedeelde, dat ook aan genoemde inrichting proeven waren genomen met 3 kalven, waarvan de resultaten in het nadeel der Lactina waren geweest. Naar aanleiding dezer mededeeling kon ik met meer recht spreken, daar ik zelf slechts één kalf aan de proef had onderworpen. (1) Ingezonden. Mochten er onder onze lezers zijn, die mede uit eigen ondervinding iets, hetzij voor of tegen de Lactina Bowick wenschen mede te deelen, dan houden wij ons daarvoor aanbevolen. (Bed.) 3*

35