is toegevoegd aan uw favorieten.

Cultura; uitgave van de Vereeniging van Oudleerlingen der Rijkslandbouwschool, jrg 17, 1905, 1905

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

van monsters, die verscheidene maanden in zakken werden bewaard, hebben vastgesteld. Wordt daarentegen de kalkstikstof eenigszins vochtig of aan de lucht blootgesteld , dan krijgt men verlies aan stikstof door de ontwikkeling van ammoniak.

Uit hetgeen voorafgaat kan men de volgende regels stellen voor het juiste gebruik van kalkstikstof: 1. De per HA. te gebruiken hoeveelheid bedraagt naar gelang van den aard van den bodem 150—300 KG., gelijkstaand met 30—60 KG. stikstof. 2. Om te vermijden dat de arbeider last van de stof heeft en te gelijkertijd om een betere verdeeling te verkrijgen , mengt men de nieuwe meststof met de dubbele hoeveelheid droge aarde. 3. Het uitstrooien der meststof moet B—l48—14 dagen vóór het zaaien plaatshebben en de kalkstikstof dadelijk na het uitstrooien door inploegen , ineggen of inhakken tot op een diepte van B—s cM. met den grond vermengd worden, daar deze dan den ammoniak, die door de inwerking der vochtigheid van den grond vrijwordt, kan opnemen. Bij de vele veldproeven , voornamelijk inde laatste jaren door bijna alle Europeesche proefstations van Hoorwegen tot Spanje gedaan , heeft de kalkstikstof overal, waar deze regels voor het gebruik gevolgd werden, getoond goed te werken en wel zoo dat 1 KGr. stikstof in dezen vorm dezelfde werking had als dezelfde hoeveelheid , gegeven inden vorm van zwavelzuren-ammoniak en van Chilisalpeter. Ook moet ik nog de aandacht vestigen op de gunstige resultaten van de toepassing op tuingewassen, volgens Dr. Oïto op het proefstation van het Koninklijk biologisch instituut verkregen bij sla, spinazie en witte kool, terwijl daardoor het bewijs werd geleverd , dat zelfs zulke gevoelige bladplanten de kalkstikstofbemesting zeer goed verdragen. Prof. Caevalo uit Yalencia deelt dergelijke ervaringen mede van de rijstcultuur in Spanje. Maar ook heeft men bevredigende resultaten gekregen bij de veldvruchten , verbouwd in het noordelijke klimaat van Zweden en Hoorwegen. Zoodra de berichten over de veldproeven van het laatste jaar compleet zijn , zullen ze door de cyanid-maatschappij worden gepubliceerd. Gaarne wilde ik van deze gelegenheid gebruik maken om een vooroordeel weg te nemen , dat velen koesteren die minder vertrouwd zijn met den chemischen aard van de nieuwe stikstofmeststof. De omstandigheid namelijk dat deze stof den wetenschappelijke!! naam draagt van „calciumcyanamid” , roept hier en daar de herinnering op aan het vergiftige cyankalium, en vreezen velen dat het misschien een schadelijke inwerking op het vegetatieproces zou kunnen hebben. Deze vrees is echter geheel ongegrond , daar in kalkstikstof geen spoor van calciumcyanid aanwezig is. Eenige ongunstige resultaten vinden hun oorzaak ineen verkeerd gebruik. Wordt het materiaal, zooals dat vroeger met ruwe Peruguano als regel gedaan werd , goed met den grond vermengd , dan bindt en conserveert (resp. nitrificeert) het zich snel ontwikkelende ammoniak volkomen , zooals het ook door zijn koolzuurgehalte de inwerking van bijtende kalk opheft. Het zou mogelijk geweest zijn vele moeilijkheden en jarenlange proeven te besparen , als men van het invoeren van ruwe kalkstikstof had afgezien en die dooreen verder chemisch proces omgewerkt had tot den reeds

204