is toegevoegd aan uw favorieten.

Cultura; uitgave van de Vereeniging van Oudleerlingen der Rijkslandbouwschool, jrg 17, 1905, 1905

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

als dat van andere tropische landen. Men kan er ’s morgens en tegen den avond flinke wandelingen maken, zonder last te hebben van overmatig transpireeren. Dit laatste zal wel slechts voor een deel aan de betrekkelijk lage temperatuur zijn toe te schrijven; dein vergelijking met andere tropische streken droge atmosfeer doet hierin zeer veel. Ongelukkig is wat goed is voor ons minder goed voor de planten. Met alleen, dat een eenigszins vochtige dampkring meer bevorderlijk zoude zijn aan het voortbrengen en voortbestaan vaneen weelderigen plantengroei, ook de hoofdoorzaak van de lagere temperatuur, de bijna onafgebroken waaiende passaatwind, heeft een ongunstigen invloed op de Hora. Deze noordoostpassaat heerscht toch met uitzondering van de maanden, die zooeven als de warmste werden genoemd, gedurende het geheele jaar en ontwikkelt inde maanden April tot en met Juni een kracht, die hem vaak op een storm doet gelijken. In dezen tijd van het jaar raast hij onophoudelijk dag en nacht, wolken stof voor zich uitjagende. De schadelijke werking van dezen wind op het plantenleven blijkt het duidelijkst uit het verschillende voorkomen van de noordoostelijke en zuidwestelijke hellingen der heuvels. Terwijl de laatste toch steeds eenigen heester- en zelfs boomgrooi bezitten , zijnde eerste , behalve in ’t uiterste westen van het eiland , geheel en al kaal. Het is waar, dit is op den eersten blik. Bestijgt men de heuvels , dan vindt men vaak ook op de noordoostolijke hellingen werkelijk soms iets, wat boomgroei moet worden genoemd ; maarde boompjes zijn niet als zoodanig te herkennen. Het zijn struikjes, die door den nooit rustenden wind, welke hier veel sterker is dan in het dal, met geweld tegen de helling zijn aangedrukt en daar tegenop schijnen te kruipen, zich niet meer dan één of twee decimeter Van den bodem verwijderende. Ook in open valleien is de invloed van den wind waar te nemen aan de plantsoenen. Hedurende een tijd van zware regens is er aan de boomen geen verschil op te merken tusschen den noordoost- en den zuidwestkant; de krachtige groei weerstaat daar den invloed van den verdrogenden wind. Maar niet zoodra zijnde regens twee of drie weken achter den rug , of reeds ziet men de bladeren aan den noordoostkant verdorren , terwijl ze aan den anderen kant nog voor langen tijd welig groen blijven. Overal waar de kracht van den passaat zich kan doen gevoelen, en er zijn maar weinige plekken waar dit niet het geval is (behalve inde diepe dalen , waarin de meeste hofjes zijn aangeplant), geven de boomen in hun vorm aanwijzing daarvan. Ze zijn alle naar ’t zuidwesten omgebogen en de kruin strekt zich als een platte , breede bundel takken en bladeren naar dien kant van don stam uit, zoodat elke boom eenigszins het voorkomen heeft vaneen stok met een dikken, groenen wimpel. Zooals reeds vroeger gezegd , is volgens den Curagaoschen planter het droge klimaat, d. w. z. voornamelijk de te geringe regenval, de allergrootste , zoo niet een volstrekt onoverkomelijke hinderpaal tegen het opkomen vaneen gezonden landbouw. En inderdaad , Curagao is in dit opzicht wel misdeeld. Met alleen toch dat de regenval gering is, maar hij is ook hoogst ongeregeld en men kan er nooit op rekenen; dit laatste is haast een nog grooter nadeel dan de geringe hoeveelheid. De regenrijkste en de regenarmste jaren uitgezonderd, is de gemiddelde jaarlijksche regenval van Curagao 500—600 mM., zeker een

352