is toegevoegd aan uw favorieten.

Cultura; uitgave van de Vereeniging van Oudleerlingen der Rijkslandbouwschool, jrg 17, 1905, 1905

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

veer 1000—1200 morgen wild grasland en weiden, en op zulk eene oppervlakte worden ongeveer 120 koeien , 80—100 stuks jong vee , 20—40 paarden voor de remonte, soms nog een 200 schapen , eenig mestvee en 10 span ploegossen gehouden. De Hollandsche koe van Oost-Pruisen geeft in doorsnede in eene lactatieperiode22503000 Kg. melk met een gemiddeld vetgehalte van 3.2 pet. Het gemiddelde levendgewicht eener volwassen koe bedraagt 500-—6OO Kg. (= 1250—1500 pond russ.), dat vaneen kalf bij de geboorte circa 40—45 Kg. (—lO0— 115 pond russ.) , maar ook wel minder. De kalveren ontvangen in den regel 4—6 weken zoete melk, tot 8 Lt. per dag, en dan in vele gevallen achterna nog gedurende eenige maanden taptemelk of ook wel krachtvoeder inden vorm van meel of lijnkoek. Gedurende den geheelen zomer verblijven zij op de „Koppelen”, zoogenoemde „Rossgarten” (beschaduwd stuk grasland) tezamen met de veulens. Zij kalven voor de eerste maal op den leeftijd van 21/4—-3 jaren , meest inden herfst. De jonge stieren worden op den ouderdom van 11/l1/i—D/2 jaar voor de fokkerij gebruikt en zoo lang mogelijk aangehouden. Het melkvee wordt doorgaans half Mei naar de weide gebracht en blijft dag en nacht buiten , zonder bijvoeder te ontvangen. Een enkelen keer noteerden wij een geval , waarin het melkvee naar Deensch gebruik werd getuierd , teneinde meer het volle profijt van de weide te trekken. Men meent hiermede goede resultaten te hebben verkregen. De voedering van het melkvee inden winter mag voldoende worden genoemd. Het op het landgoed zelf geproduceerde ruwvoer en de bieten worden bij de voederberekening als hoofdvoer aangenomen. In ’t algemeen bewegen zich de bijgaven van krachtvoeder, nl. tarwezemelen , zonnebloemenkoeken of meel binnen gemiddelde grenzen, 3—6 pond pruisisch (== 31/2—7 pond russ.) Een onderzoek der melk op vetgehalte is niet algemeen. Inde nabijheid der steden wordt de melk meest versch van de koe inde stad gevent; maar overigens heeft bijna elk landgoed zijn eigen melkerij. Er zijn ongeveer 50 coöperatieve zuivelfabrieken in Oost- Pruisen. Het Hollandsche vee van Oost-Pruisen is gekenmerkt door uitstekende harmonische vormen, welke echter niet uitsluitend typisch zijn voor melkvee , maar duidelijk aantoonen , dat er op vleesch en vet is gefokt. Dit, waarop men in Nederland te weinig let, wordt hier overdreven , d.i. het streng vasthouden aan vastgestelde vormen bij het beoordeelen van het rundvee. Men kan dit duidelijk waarnemen bij keuringen, maar vooral en wel op zeer onaangename wijze bij het klaarmaken van dieren voor tentoonstellingen. Op verschillende goederen zagen wij koeien, bestemd voor de Dantziger „Wanderausstellung.” Deze dieren kwamen nooit inde weide, maar werden op stal zoo klaargemaakt, dat zij op elke tentoonstelling van mestvee zeker met goed gevolg konden concurreeren, maar niet op eene tentoonstelling van fokvee. Om het onderscheid tusschen het origineele Hollandsche vee en dat in Oost-Pruisen gefokt, kort aan te geven, kan men zeggen , dat het eerste een zuiver natuurproduct is , het laatste daarentegen meer een kunstproduct , dat zijn ontstaan heeft te danken aan eene zeer conscientieuse en doelbewuste teeltkeus, waarbij men zich echter heeft laten leiden door overmatige vormenvereering (zgn. formalismus). Den hoogsten adel, de hoogste melkopbrengsten en tevens eene behoorlijke 1) 1 morgen = ’/, H.A.

422