is toegevoegd aan uw favorieten.

Cultura; uitgave van de Vereeniging van Oudleerlingen der Rijkslandbouwschool, jrg 17, 1905, 1905

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

brief, als boven genoemd , mede krijgen ; daar hij de verschillende veebeslagen en zijne eigenaars kent, zoo moet hem volle vrijheid worden geschonken bij het doen der inkoopen. Zouden als een gevolg van dergelijke rondvragen binnen de 4 tot het Kartell (den Bond) behoorende vereenigingen een belangrijk import zijn vooruit te zien, dan zoude het aanbeveling verdienen , aangenomen dat men uit Nederland ging betrekken , dat het Kartell-bostuur de opdracht ontving zich direct tot den Nederlandschen directeur van landbouw te wenden , die ons immers speciaal voor dit doel zijne daadwerkelijke hulp heeft toegezegd. Noodig is echter in dat geval zelfs dringend aan te bevelen bij elke opdracht aan handelaar of fokker , hetzij men uit Nederland of uit Oost-Pruissen betrekt dat de volgende punten , misschien naar omstandigheden te wijzigen, worden vastgesteld; klimatische toestanden, aard van den bodem van het fokgebied , kuituur- of wilde weide , kwaliteit, wintervoederingsrantsoenen , welke productie wordt vereischt (melk- , vleesch-, kracht- of gecombineerde productie), gebreken in lichaamsbouw der kudde , hare goede eigenschappen , het al of niet edele der kudde , welke teekening wordt gewenscht, zwartbont of witbont, hoe oud moet de stier minstens en hoogstens zijn , moet de stier meer adel of meer vormen in de kudde brengen , uiterste prijs loco Riga en eindelijk de gemiddelde afmetingen der kudde volgens de keurregisters en het gemiddelde levendgewicht der kudde. Op deze wijze zou, naar mijne meening, zeer goed eene regeling van den invoer van fokmateriaal kunnen worden tot stand gebracht tot tevredenheid van fokker en van kooper. Lindenherg, November 1904. (w. g.) JOSEPPI Baron WOLFF, Rapporteur, fung. President der Balt.-Lith. Kartellcommissie voor de fokkerij van het Holl. rundvee. In verband met de voorafgaande reisbeschrijving volgen hier de einduitkomsten van 227 metingen, door mij op de reis door Nederland en Oost-Pruisen aan 57 stieren en 170 koeien verricht. Het zou doelloos zijn, hier al deze metingen te vermelden, daar het niet de bedoeling was, de vormen der bezichtigde kudden weer te geven, maarden typischen bouw der Hollandsche koe in beide landen. Wij kozen dus steeds uit de verschillende kudden juist die dieren, welke in hun uiterlijk zooveel mogelijk het type van het ras weergaven en zich daarbij kenmerkten door duidelijke teekenen van melkrijkheid, kracht en gezondheid. Door de metingen, aan de vrouwelijke beesten verricht, is zoo een resultaat verkregen , buiten twijfel voor het bepalen van de vormen der Hollandsche koe van groote beteekenis, omdat tot nog toe inde litteratuur slechts de afmetingen van een klein aantal individuen waren gegeven. De verhoudingsgetallen der afmetingen van de Hollandsche koe in Nederland en in Oost-Pruisen komen, de lengte van den romp op 100 stellende, goed overeen en toonen aan dat, mogen ook de werkelijke afmetingen verschillen , het type van het ras volkomen hetzelfde is in beide landen, terwijl de vorm

428