is toegevoegd aan uw favorieten.

Maandblad voor den Nederlandschen landbouwer, 1889, no 7, 1889

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

MEDEDEELINGEN VAN HET PROEFSTATION.

11. Private controle van meststoffen. Hieromtrent valt het volgende mede te deelen. Van 16 Mei 1888 tot 15 Mei 1889 werden onder deze rubriek monsters ingezonden van: Chilisalpeter 47 Andere stikstofhoudende meststoffen 2 Thomasphosphaatmeel 12 Superphosphaten . 94 Phosphorieten, Phosphaatgips, Schuimaarde 5 Kalimeststoffeu 8 Opgeloste Pern-Guano 10 Beendermeel 3 Stikstofhoudende Superphosphaten 13 Andere meststoffen met 2 of 3 gegar. bestanddeelen 28 Kalk 3_ Samen . , . 234. Van de 399 hiervoor gedane kwantitatieve bepalingen van mestende bestanddeelen zijn er 108 waarvan ons de garantie-cijfers zijn opgegeven of die (bij Chilisalpeter en Opgeloste Pern-Guano) genoegzaam bekend zijn. In 37 gevallen werd daarbij een te laag cijfer gevonden, d.i. ruim 34 pCt., dus even als verleden jaar aanmerkelijk meer dan bij de Openbare Controle. Inde 47 monsters Chilisalpeter werd dit jaar gemiddeld een gehalte van 15.6 pCt. stikstof gevonden of 0.4 pCt. meer dan verleden jaar. Twee monsters, resp. met slechts 9.8 en 9.9 pCt. maakten eene ongunstige uitzondering. Hel eene bleek vermengd te zijn met kaïniet. Een monster Zwavelzure Ammoniak bevatte 19.8 pCt. stikstof, dus een normaal gehalte. Van de 6 met opgave van garantiecijfers ingezonden monsters Thomasphosphaatmeel (waarbij het produkt van de cijfers voor gehalte aan phosphorznur en fijnheidsgraad de gebruikswaarde voorstelt) waren er 3 waarin meer en 2 waarin minder gebruikswaarde gevonden werd. Meer resp. 3.6, 1.9 en 1 pCt., minder 0.8 en 0.6 pCt. Een monster, waarvan alleen het gehalte aan phosphorznur (24 pCt.) was gegarandeerd, bevatte 1.6 pCt. van dat bestanddeel te weinig. Ue gebruikswaarde liep bij de gezamenlijk ingezonden monsters uiteen van 16.8 tot 11.3; het phosphorzuurgehalte van 23.4 tot 15.6 pCt. met uitzondering vaneen monster waarin slechts 7.5 pCt. phosphorzuur werd gevonden; de fijnheidsgraad bij 8 monsters bepaald, verschilde van 63.4 tot 91.6 pCt. Superphosphaten. Hiervan werden, met garantiecijfers van 20, 18, 16, 15 en 14 pCt. in water oplosbaar phosphorzuur, 37 monsters ingezonden, waarvan in 10 van 0.3 tot 0.4 pCt. méér en in 17 minder gehalte dan de garantie gevonden werd. Van de laatste waren er 5 met meer dan 1 pCt. te min (1 van 1.8 pCt. te weinig), twee van l tot 0.5 pCt. en de overige minder dan 0.5 pCt. te weinig. Superphosphaten met 14 pCt. garantie en ook gemiddeld gevonden werden het meest ingezonden, nl. 19 monsters: 9 monsters bevatten meer, de andere 10 minder dan 14 pCt.; de afwijkingen waren echter gering. Ook omtrent de overige onderzochte monsters kan de toestand bevredigend genoemd worden. Van 7 onderzochte monsters Kalimeststoffeu is vergelijking mogelijk van het gehalte, dat zij moesten bezitten en dat hetgeen gevonden

100