is toegevoegd aan uw favorieten.

Maandblad voor den Nederlandschen landbouwer, 1890, no 11, 1890

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

GROEN-BEMESTING OP LICHTEN EN ZWAREN GROND.

met behulp van kleine op Schimmel gelijkende organismen door eene „symbiose” (1) bewerkt wordt. De Schimmel dringt inde planten door de wortels, die hij gedeeltelijk overtrekt, en vermengt zich met het protoplasma der plantencellen, waarin zij tegelijker tjjd eene bevruchtende werking uitoefent. Dit blijkt door het krachtiger worden der geheele plant: deze wordt steviger, groeit weliger, vormt in grooter hoeveelheid chlorophyl, zetmeel en organische stikstofverbindingen. Tegelijkertijd ontwikkelen zich op de wortels volgens Frank („Lehrbuch der Pflanzenphysiologie”) inden beginne kleine, maar van lieverlede grooter wordende knolletjes, waarin een eigenaardig parenchym gevormd wordt, inde cellen waarvan tijdelijk, eiwitstoffen ontstaan, die den naam bacteroiden verkregen. Wordt de bodem „gesteriliseerd” zoodat alle mikroorganismen gedood worden, dan ontstaan ook die knolletjes niet en de plant blijftin ontwikkeling achter, doordien de genoemde bevruchtigende uitwerkingen der kleine sohimmelachtige organen niet plaats hebben. Brengt men echter inden grond stikstofhoudende organische stoffen inden vorm van humus of mest, dan groeit de plant krachtig, maar zonder knolletjes te vormen. De symbiose schijnt dus bij de Lupine en de Erwt de organische voeding (? Red. M.), de humus te vervangen. Intusschen gedragen niet alle peulgewassen zich in dit opzicht op gelijke wijze en het is noodig, dat de proeven nog vollediger worden voortgezet. Een dergelijk verschijnsel treffen wij aan bij de voeding der woudboomen, b. v. bij de beuken; hier vormen zich wel is waar geene knolletjes, de schimmels overtrekken veeleer de geheele wortels en zijn zoodoende de bemiddelaars voor het opnemen der stikstof. Dit verschijnsel, door de plantenphysiologen „symbiotisch proces” genoemd, bestaat dus daarin dat de bacteriën eerst, bij opneming van stikstof uit de lucht, van de plant leven, zich daarbij in verbazende hoeveelheid vermeerderen en eindelijk deze tot voedsel dienen. Schimmel en plantenwortels groeien gemeenschappelijk en ondersteunen elkander. Tegelijkertijd blijken deze bacteriën, deels indirect, deels door insecten door dén bodem verspreid te worden, waardoor ook deze, geheel afgezien van het bijeenzamelen van stikstof inde plant en in hare wortelresten, rijker aan stikstof wordt. Er zijn gronden waarin zulke mikroorganismen ontbreken; intusschen hebben Fleischer en Salfeld, b. v. in veengrond, waar ze niet in voorkwamen, door het overstrooien daarvan met grond, waarin ze wel waren, en die voor de teelt van Boonen en Klaver geschikt -was. bewezen dat ook die veengrond voor Boonen en Klaver geschikt te maken is. Zij noemden deze handelwijze „inenten” met mikroorganismen. Om nu den grond door de groen-beraestingsplanten aan stikstof te verrijken en de dure stikstofmest te besparen, bemest men hem inden zomer, terstond na den graanoogst, met phosphorzuur, kali, (I) "Symbiose” is de samenleving van twee dierlijke of plantaardige wezens, waarvan het eene somtijds op de wijze der parasieten in of op het andere leeft, maar waarbij ten slotte zoowel de '/hospes” als het er mede levende wezen sproot voordeel trekt. Eerst inde laatste jaren hebben natuuronderzoekers dit merkwaardige verschijnsel nauwkeurig bestudeerd. {Bed. Maandbl.) 11*

163