is toegevoegd aan je favorieten.

Maandblad voor den Nederlandschen landbouwer, 1891, no 1, 1891

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

OVER ORAANVEEEDELING.

inden handel brengen van enkele bepaalde graansoorten met zaakkennis en energie toelegt. Tevens leerde hij in dien tijd de methoden en de resultaten van andere wijd en zijd bekende dergelijke inrichtingen kennen. Het veredelen van eene graansoort kan op verschillende wijze geschieden; niet alleen: ledoor het doen ontstaan van geheel nieuwe soorten of variëteiten door kruising, d.i. door overbrengen van stuifmeel en castratie (wegneming van sommige geslachtsdeelen der bloem) enz. en 2e door het zorgvuldig uitzoeken en verder voortkweeken van inde natuur zelf (spontaan) d.i. zonder bewuste medewerking van den mensch ontstane individueele afwijkingen, maar ook 3e inde successieve veredeling van reeds bestaande soorten, door doelmatige keus on vermeerdering van de beste der uitgekozene zaden, ja, ook 4e alleen in het instandhouden van soorten die goed voldoen, op zulke wijze, dat deze hunne uitstekende eigenschappen behouden. Men kan deze „veredelingsteelt” praktisch weder op verschillende wijzen ten uitvoer brengen. Naar de intensiteit (het meer of minder streng zich houden aan het beginsel) van het uitkiezen kan men onderscheiden: 1) het eenvoudig uitkiezen der beste aren; 2) dit uitkiezen verbonden met het nemen der beste zaden uit die aren; 3) het door teelt vermeerderen van die zaadkorrels eenige jaren achtereen, waarbij telkens weder de beste uitgekozen worden. De eerste van deze drie methoden, de minst intensieve, leidt natuurlijk slechts langzaam en in beperkte mate tot werkelijke veredeling, maar gaat ten minste krachtig het achteruitgaan der goede eigenschappen tegen. Men kan zich hierbij bepalen tot het uitzoeken of dooreen vertrouwd arbeider laten uitzoeken van de beste aren uit de schoven of uit het nog niet gemaaide rijpe graan (vooral niet langs de kanten van den akker!), door vervolgens het zaad hiervan geheel van andere graanakkers afgescheiden uitte zaaien en de zoo verkregen oogst later voor de kuituur in het groot te bezigen. Zekerder resultaten verkrijgt men natuurlijk door uit de beste aren ook de op het oog beste korrels (de grootste of zwaarste) te kiezen en deze uitte zaaien, Maar het verst en zekerst komt men door de methode van Hallet toe te passen, daarin bestaande, dat men door kuituur bepaalt, welke van de uitgezóchte grootste of zwaarste korrels werkelijk een veredeld gewas opleveren en alleen hiervan het zaad voor do verdere teelt gebruikt. Hallet te Brighton vond nl. door eene ervaring van 20 jaren, dat evenmin de grootte en zwaarte der korrels als de plaats waar zij inde aar zitten (boven, midden of onderaan) onbedriegelijke kenteekenen zijn, dat daarvan een in eenig opzicht uitmuntende plant groeien zal. Hij zocht daarom eerst de schijnbaar beste en aan zijn ideaal van veredeling het best beantwoordende aren uit, en pootte daarvan alle korrels op ongeveer een voet in het vierkant op zijn proefveld uit. Dit ver uiteenpoten was noodzakelijk, om iedere plant volkomen afgezonderd van de anderen te doen opgroeien, om met zekerheid de wijze van uitstoelen (aantal halmen) en de vorming der aar alsmede de grootte en het aantal der korrels er van te kunnen bepalen en eindelijk om de oogst

13