is toegevoegd aan je favorieten.

De tuinbouw; officieel orgaan van den Nederlandschen Tuinbouwraad, jrg 1, 1913, no 9, 07-03-1913

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

traal Bestuur is in onze vergadering ter sprake gekomen. Ik kan mij zeer goed vereenigen met hetgeen door de de Heeren van Spronsen en van Marrewijk is gesproken. Die zelfde argumenten werden in onze Vereeniging ook aangevoerd. Wanneer iets aan de veilingsvereenigingen verbeterd moet worden, dan moeten die veilingsvereenigingen nog niet met de verzendvereenigingen vereenigd worden. Die 2 vereenigingen worden altijd in één adem genoemd en krijgt men het idee, dat men de veilingsvei'eeniging wil omzetten in een verzendvereeniging. Ik wil niet zeggen, dat dit niet goed is, maar er kunnen toch verschillende dingen verbeterd worden, zonder de een in de ander om te zetten. Ik ondersteun dus, namens mijn Vereeniging, het voorstel van de heeren, om van die vereenigingen 2 groepen te maken of uit het voorstel de verzendvereenigingen weg te laten. Dit in verband met hetgeen in de Memorie van Toelichting wordt gezegd.

Er wordt gewezen op de hooge kosten. Wij hebben gevraagd, waar die hooge kosten eigenlijk vandaan komen en wij hebben gezegd, dat dit de schuld is van de verzendvereenigingen. Die nebben reizigers noodig, om hun waren aan den man te brengen.

Het gevolg zou dan zijn, dat wij, veilingsvereenigingen, die niets er voor voelen, om omgezet te worden in een verzendvereeniging, verplicht zouden zijn, die verzendvereenigingen te steunen. Daarom waren wij tegen dit voorstel. In de memorie van toelichting staat; „de takken van tuinbouw, die hiervoor in aanmerking komen, zijn de groenteteelt en de ooftteelt”. Maar hoe is het met de bloemenveilingen? Ik heb nooit het idee gehad, dat die vereenigingen geen gelegenheid werd gegeven haar belangen in het bestuur te bepleiten. Mochten wij echter nog te klein zijn en numeriek te gering in aantal, om een vertegenwoordiger in het Centraal Bestuur te hebben, dan zouden wij het liefst in de veilingsgroep vertegenwoordigd zijn. Maar nu zijn er hooge kosten aan verbonden, terwijl de belangen meer op de groenten- en ooftteelt zouden slaan. Het is dus toch billijk, dat wij vragen, waar de kosten blijven. Wij staan niet alleen, want ook de Amsterdamsche veilingen hebben bij de bloemenveilingen groot belang. Wellicht zal den secretaris spoedig het bericht bereiken, dat de Aalsmeersche vereeniging zich zal aansluiten. Ik zou dus in overweging willen geven de bloemenveiling niet geheel te miskennen.

Dan werd op onze vergadering eenige verwondering uitgesproken over het feit, dat de groep veilingsvereenigingen haar eigen kosten moet dragen, want de voordeelen zouden ook voor die groep alleen zijn. Dat heeft ons verwonderd. Wanneer het de veiligsvereenigingen goed gaat, is het gevolg, dat het verreweg het grootste deel van den Nederlandschen Tuinbouw goed gaat. Nu zouden de veilingsvereenigingen, om dit tot stand te brengen, de kosten alleen moeten dragen, terwijl andere groepen geheel voor rekening van den Nederlandschen Tuinbouwraad zijn. Wanneer wij weten, dat het Centraal Bestuur doende is, om het gewicht van postcolli te verhoogen, dan is dit voor de bloemenveiling een belang en ook voor andere groepen. Maar de menschen in de keelstreek zullen er heel weinig aan hebben. Die moeten er echter ook aan meebetalen. Er wordt nu gevraagd of het billijk is, dat de veilingsvereenigingen de kosten geheel voor eigen rekening zullen nemen. Dit is m.i. meer gedaan met het oog op de verzendvereenigingen. Daarom beveel ik ten sterkste het voorstel aan, om de verzendvereenigingen er buiten te houden.

De_ afgevaardigde van de Vereeniging „Be Eendracht” te Groningen (de Heer Bolhuis): M. de V. In de veilingsvereeniging „De Eendracht” werd vooral gewezen op de financieele zijde van dit vraagstuk. Het veilingswezen

is in ons land op een tamelijk goede leest geschoeid. Maar iedere zaak is voor verbetering vatbaar. In de eerste plaats zou ik den afgevaardigde uit Rotterdam willen vragen, hoe de financieele resultaten zijn, of het geld geheel binnenkomt, zooals die afgevaardigde beweert. Wanneer hij daarop een gunstig antwoord geeft, dan zou ik daar iets anders tegenover willen stellen. In Zwijndrecht zijn ook enkele van die verzendvereenigingen. Hoe die zaak in elkaar zit, weet ik niet, maar die sloot met een tekort van f 8000.—. Wat nu de groepindeeling betreft, iedere groep zal zich zelf moeten bedruipen. Men heeft mij het mandaat verleend wel voor dit voorstel te stemmen, indien de meerderheid die richting uit wil gaan, maar dan onder deze voorwaarde, dat er een goede regeling wordt getroffen, omtrent de financieele kwestie, in hoeverre iedere vereeniging daartoe pondspondsgewijze zou moeten bijdragen.

De afgevaardigde van de Vereeniging „Westland” (de Heer Valstar): M. de V. De allerbeste oplossing is m.i. dat wij niet krijgen een samenvoeging van de veilingsen verzendvereeningen bij elkaar. Terecht is opgemerkt, dat het verschil in uitgaven tusschen beide groepen te ver uit elkaar loopt, omdat zij op verschillende terreinen werken. Daarom is de eerste schrede van den afgevaardigde van de Rotterdamsche verzendvereeniging niet een gelukkige geweest. Hij heeft gezegd, dat er op het oogenblik werd gescholden op de verzendvereenigingen. Ik heb zoo iets hier nooit gehoord. Ik geloof wel, dat in het algemeen de harmonie tusschen de verzend- en de veilingsvereenigingen niet al te best is. Wij hebben indertijd bij ons ook een verzend- en een veilingsvereeniging gehad, maar de verhouding tusschen deze twee was zoo koud als een steen. Ik heb nooit eenige samenwerking kunnen ontdekken.

De tweede opmerking van den eersten spreker was: Hij vond den toestand, zooals deze nu was, uitstekend. Op het oogenblik hebben wij wrijving. Dat is soms goed, vooral bij het maken van boter. Maar als wij met dit uitgangspunt op stap moeten gaan, dat wij wrijving zullen krijgen, laten wij dan maar niet dien weg opgaan; laten wij dat zooveel mogelijk zien te ontloopen. Het zou kunnen zijn, dat de praktijk er ons toe bracht, die twee verschillende groepen uit elkaar te laten vallen. Zijn hoofdbezwaar scheen te wezen, dat de verzendvereenigingen niet voldoende vertegenwoordigd zouden zijn. Maar er zal toch wel een gelegenheid gevonden kunnen worden, de verzendvereenigingen in staat te stellen, hare belangen in het Centraal Bestuur te bepleiten.

Ik zou daarom willen voorstellen het woord verzendvereenigingingen uit het voorstel van het Centraal Bestuur te laten vervallen.

De afgevaardigde van de Vereeniging „de Hoop” te Bovenkarspel, (de Heer Bloemendaal): M..de V. Ik kan mij geheel aansluiten bij hetgeen de vorige spreker gezegd heeft. Ik had ook in overweging willen geven die 2 groepen te scheiden, want daardoor zouden wij een onzuivere stemming kunnen krijgen.

Nu lijkt hetgeen de vorige spreker gezegd heeft goed en zal ik ook daarvoor stemmen.

De afgevaardigde van de Vereeniging „de Zuid-Hollandsche Eilanden” (de Heer Kooiman): M. de V. Ik heb mij voorgenomen, mij bij het uitbrengen van mijn stem te richten naar de discussies, want ik had geen vooropgezette meening. Maar toch wil ik mededeelen, wat ik in het voorstel van het Centraal Bestuur heb meenen te mogen zien.

Er schijnen wel eenige bezwaï’en te bestaan bij verschillende vereenigingen tot het samenkoppelen van de