is toegevoegd aan je favorieten.

De tuinbouw; officieel orgaan van den Nederlandschen Tuinbouwraad, jrg 2, 1914, no 13, 27-03-1914

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

27 Maart 1914..

veel water dan zal het celvocht meestal zwak geconcentreerd zijn, dus gemakkelijker bevriezen, dan wanneer er weinig water in de plant voorkomt. Dan zal toch gewoonlijk de concentratiegraad van het celvocht groot wezen. Daaruit volgt rechtstreeks, dat waterrijke planten of plantendeelen eerder zullen bevriezen dan waterarme. Of de plant of het plantendeel ook zal rloodvriezen hangt ei van af, of de specifieke minimum-temperatuur al dan niet bereikt wordt. Planten, die veel water bevatten, bereiken deze echter veel gemakkelijker dan droge planten en daardoor sterven de waterrijksto planten onder overigens gelijke omstandigheden het eerst bij daling der temperatuur beneden het vriespunt.

(W ordt vervolgd.) B.

Landbouw-wetgeving.

Invoer van aardappelen in de Vereenigde Staten.

(Overgedrukt uit de Nederlandsche Staatscourant van 20 Maart 1914, no. 67.) Ministerie van Landbouw, Nijverheid en Handel.

Do Minister van Landbouw, Nijverheid en Handel; Gelet op het Koninklijk besluit van 24 Mei 1912, no. 73, houdende regeling van den phvtopathologischen dienst;

Heeft goedgevonden te bepalen:

Art. 1. De gelegenheid wordt geboden, in Nederland gegloeide aardappelen, bestemd om te worden uitgevoerd naar de Vereenigde .Staten van Amerika te doen onderzoeken vanwege den phytopathologischen dienst, ter verkrijging van de bij invoer van aardappelen in genoemd land vereischte verklaringen.

Art.. 2. Het aanvragen van een onderzoek, als bedoeld m art. 1, geschiedt bij vrachtvrij schrijven aan het hoofd van den phytopathologischen dienst te Wageningen. Bij de aanvrage wordt mededeeling gedaan van de grootte der te onderzoeken partij of partijen, zoomede van de plaats of plaatsen waar en den datum waarop zij ten onderzoek gereed liggen.

Art. 3. Als regel geschiedt het onderzoek op de boerderij, waar de aardappelen geteeld zijn. In bijzondere gevallen kan door het hoofd van den phytopathologischen dienst onderzoek op andere plaatsen worden toegestaan.

Geen aardappelen mogen ten onderzoek worden aangenomen, gegroeid in eene gemeente, waar onder de aardappelen zwarte schurft (Chrysophlyctis endobiotica) hetzij diepschurft (Spongospora subterranea) is geconstateerd.

Alt. 4. De aardappelen moeten ten onderzoek worden aangeboden in nieuwe, gesloten balen of kratten. In bijzondere gevallen, als omtrent de identiteit der aardappelen geen twijfel bestaat, kan door het hoofd pbytopathologischen dienst van het in het vorige hd bepaalde ontheffing worden verleend.

Art. o. De aanvrager is verplicht zorg te dragen, dat de door den conti'oleerenden ambtenaar aan te wijzen balen of kratten voor onderzoek worden geopend.

Alt. 6. De aanvrager is verplicht zorg te dragen, dat ten minste voor elke 200 balen of kratten, waaruit de te onderzoeken partij bestaat, tijdens het onderzoek een

persoon aanwezig is, om den controleerenden ambtenaar bij het plombeeren der verpakkingen behulpzaam te zijn.

Art. 7. Slechts partijen waarvan alle onderzochte monsters geheel aan de gestelde eischen van zuiverheid voldoen, worden goedgekeurd.

Art. 8. Voor het onderzoek van elke partij goedgekeurde aardappelen is door den aanvrager verschuldigd: voor partijen tot en met 200 balen of kratten groot' O cent per collo;

voor partijen van 201 tot en met 500 balen of kratten groot: 5 cent per collo; voor partijen grooter dan 500 balen of kratten: 4 cent per collo.

Binnen veertien dagen na afloop van ieder kwartaal zendt het hoofd van den phytopathologischen dienst aan hen, when verklaringen als bedoeld in art. 1 zijn afgegeven,_ een gespecificeerde opgaaf van het door hen verschuldigde bedrag en beschikt hierover per postquitantie binnen dertig dagen na het zenden dezer opgaaf.

Het hoofd van den phytopathologischen dienst verantwoordt de nit krachte van deze beschikking gedane ontvangsten op dezelfde wijze als de ovei'ige door hem krachtens zijn ambt ontvangen gelden.

Art. 9. Ten minste drie dagen vóór de verzending der aardappelen zal plaats hebben, jnoet de aanvrager het voor de zending bestemde certificaat, behoorlijk ingevuld, opzenden aan het hoofd van den phytopathologischen dienst ter teekening -en afstempeling. De aanvrager geeft daarbij op, welke der onderzochte en goedgekeurde partijen onder dat certificaat verzonden zullen worden.

De voor de partijen benoodigde genummerde copycertificaten zijn op aanvrage kosteloos verkrijgbaar bij het hoofd van den phytopathologischen dienst. De aanvrager is verplicht, van het gebruik dezer copy-certificaten nauwkeurig aanteekening te houden op eene daarvoor bestemde lijst en deze met de ongebruikte copycertificaten na afloop van den verzendtijd terug te zenden.

’s-Gravenhage, 19 Maart 1914.

De Minister voornoemd,

Teeub.

Bescherming van in hetwild levende nuttige dieren.

Gisteren werd het wetsontwerp houdende bepalingen tot bescherming van in het wild levende nuttige dieren, zonder hoofdelijke stemming, door de Tweede Kamer aangenomen.

Tentoonstellingen en Keuringen.

Eerste Groote Aalsmeersche Bloemententoon stelling April—October 1915.

Nadat ook de Coöp. Veilingsvereeniging „Bloemenlust” in hare buitengewone ledenvergadering van gisterenavond besloten heeft, deel te nemen in ’t waarborgfonds der tentoonstelling tot een bedrag van f 10.000, is het vrij zeker, dat deze expositie zal tot stand komen.

De Coöp. Ver. „Centrale Aalsmeersche Veiling” had reeds in hare jaarvergadering van 10 Maart tot deelname in ’t waarborgfonds tot een bedrag van f 12.000 besloten, zoodat, met de medewerking van nog enkele andere lichamen het garantiefonds groot f 24.000 is volteekend.

A