is toegevoegd aan je favorieten.

Utrechtsche studenten almanak voor ..., 1852, 1852

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

de oude vrijsters en de weduwen uit, maar ik verzoek alle lezers wel in het oog te houden, dat ik eene verontschuldiging schrijf voor het gezelschap, waarvan ik in mijne inleiding sprak : Mevrouw nu is getrouwd, en de vier jonge dames, die ik bij haar ontmoette, zou ik beleedigen, door te vooronderstellen, dat zij oude vrijsters konden worden, want ze zijn mooi, lief, papa is rijk, Bovendien zijn oude vrijsters en weduwen m mijne verdeeling gelijk aan jonge ongehuwde meisjes, d.i. : ze hebben voor altijd, of bij herhaling dezelfde gelofte af te leggen. Een enkele maal zullen zij dan ook in mijne verdeeling voorkomen.

De vrouwelijke wereld bestaat uit deze twee soorten : getrouwd of ongetrouwd, en dus.... ga ik maar stilletjes voort met mijne onderverdeeling van deze twee soorten.

Vooreerst moet ik nog zeggen, dat bij mijne verdeeling uit den aard der zaak de minder goeden der sexe zijn uitgesloten; want ieder nonnetje, dat ééne der drie geloften (hier m de toepassing twee) verbrak, werd uitgeworpeii, en bij gevolg sluit ik van mijne verdeeling alle dames uit, die eene andere wijziging in mijne classificatie brengen, dan dat zij van de eerste klasse tot de tweede overgaan, of, door het onverbiddelijk noodlot gedwongen, uit de tweede tot de eeiste wederkeeren.

De tijd van het noviciaat valt bij de dames tusschen de twaalf en zestien jaar; dan moeten zij, even als de nonnetjes, zich van den omgang met de wereld onthouden, d. r.‘ dan gaan ze nog niet uit. Dan moeten zij.