is toegevoegd aan uw favorieten.

Utrechtsche studenten almanak voor ..., 1852, 1852

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

altijd voor het licht des daags willen sluiten. En hij knarstte op de tanden, wanneer hij aan zijne vroegere verblinding dacht.

En hij had bemind! Hij had vurig, innig, met geheel zijne ziel bemind! Zijn geheele bestaan lostte zich op in die ééne liefde. En eene zachte weemoed drong door in zijn hart, wanneer hij nog eenmaal dat heldere blaauwe oog zich voorstelde en dat gelaat : schoon als van eenen engel, en hoezeer hij haar had lief gehad en haar beeld het middelpunt was geweest van alles, wat hij van het leven hoopte. Maar hij had zich in haar bedrogen. Zij kon niet denken, gevoelen, beminnen als hij ! Zij hield de liefde voor een spel en speelde met het mannehart, welks waarde zij niet kende, als ware het eene beuzeling, waarmede men zich eerst vermaken, en hetwelk men, na eenig gebruik, weder wegwerpen kon! Nu was hij weder alleen, alleen in de groote, gevoellooze wereld; slechts doornen der smart bragt nog het leven hem voort!

Hij ging voort. En de nachtegaal zong boven zijn hoofd het lied der vreugde; maar hij hoorde het niet; en het werd lichter en lichter rondom hem; maar hij bemerkte het niet. Hij giug al verder en verder.

Maar plotseling vernam zijn oor een geluid, als dat van vele bazuinen, en met den klank der bazuinen paarde zich een plegtig gezang. En hij hief zijne oogenop. En ziet! een lichtglans omgaf hem. En de geur van reukwerken woei hem tegen. Hij stond voor den tem-